Antwoorden op onderwijsvragen

De Kennisrotonde beantwoordt onderwijsvragen op basis van kennis uit onderzoek. De antwoorden helpen jou om wetenschappelijk onderbouwde keuzes te maken in de praktijk. Heb je niet gevonden waar je naar op zoek bent? Stel dan zelf jouw onderwijsvraag!

436 resultaten

    Taken die sterk lijken op de trainingstaken worden doorgaans beter uitgevoerd na de training. Hoe meer de taken op elkaar lijken, hoe groter het effect is. Werkgeheugentrainingen hebben weinig tot geen effect op andere soorten taken; leerprestaties verbeteren niet. Taal- en rekenvaardigheden nemen niet toe, en intelligentie en aandachtspanne evenmin. Deze uitkomsten gelden voor alle groepen die gebruikmaken van werkgeheugentrainingen en dus ook voor leerlingen met een beperkt(er) werkgeheugen.

    Lees meer

    Geactualiseerd: oktober 2024

    Kopklassen hebben een positief effect op de onderwijskansen van leerlingen. Kinderen die na groep 8 een jaar extra taalonderwijs krijgen voordat ze naar de brugklas gaan, stromen vaker door naar een hoger onderwijsniveau. Ook de vmbo-tussenklas pakt positief uit. Ongeveer 85 procent van de leerlingen die anders naar het speciaal- of praktijkonderwijs zouden gaan, kan door naar het regulier vmbo-onderwijs (basis- of kader). Onderzoek naar effecten van tussenklassen zoals Groep 9, of Tienercollege, is niet bekend.

    Lees meer

    Als leerlingen tijdens de schoollunch activiteiten uitvoeren die veel aandacht vragen, zoals tv-kijken, een computerspelletje spelen of een smartphone gebruiken, dan lopen zij het risico ‘gedachteloos’ te eten. De smaakbeleving en het verzadigingsgevoel worden dan niet goed waargenomen. Ook slaan leerlingen geen precieze herinnering op aan het eten, waardoor ze sneller weer een hongergevoel krijgen. Ze eten daardoor mogelijk tijdens de lunch en na schooltijd meer dan ze eigenlijk nodig hebben.

    Lees meer

    Gezelschapsspelletjes met basisschoolleerlingen spelen, kan een positief effect hebben op de ontwikkeling van inhibitie en cognitieve flexibiliteit. Voor jonge leerlingen lijkt het meer effect te hebben op inhibitie, voor oudere leerlingen meer op cognitieve flexibiliteit. De juiste moeilijkheidsgraad – en die continu aanpassen – is belangrijk voor cognitieve flexibiliteit. Verder lijkt het erop dat ongedwongen spelverloop, waarbij leerlingen spelen voor hun plezier, meer bijdraagt aan de ontwikkeling van beide executieve functies.

    Lees meer

    Hoewel er weinig onderzoek is gedaan naar de beoordeling van prestaties in de kunstvakken, is wel aangetoond dat een formatieve evaluatie een valide instrument is om het leerproces en het eindproduct te beoordelen. En dus op summatieve wijze in te zetten. Met rubrics kunnen leraren goed prestaties meten en beoordelen bij disciplines als dans, muziek, theater en beeldende kunst, maar er zijn ook andere manieren om dit te doen.

    Lees meer

    Geactualiseerd: 14 juni 2024

    Een combinatie van ondersteuning, begeleiding en oriëntatieprogramma’s verkleint de kans op uitval onder startende leerkrachten. Hoe meer verschillende activiteiten de school aanbiedt, hoe lager de kans op uitval. De inzet van een mentor kan eveneens helpen om nieuwe leerkrachten voor het onderwijs te behouden. Mogelijk zijn deze vormen van begeleiding ook effectief voor zij-instromers in het beroep, hoewel daar geen onderzoek naar is gedaan.

    Lees meer

    Steun van de leerkracht voor positieve interacties tussen leerlingen, kennis van elkaars culturele achtergrond en beheersing van de Nederlandse taal kunnen bijdragen aan sociale integratie van NT2-leerlingen in de klas. Specifieke en effectieve methoden hiervoor zijn niet bekend. Sociale integratie is wel vaak een opbrengst van methoden die zich richten op andere of bredere doelstellingen, zoals de sociaal-emotionele ontwikkeling van nieuwkomers.

    Lees meer

    Een lagere taalvaardigheid en gedragsproblemen hangen samen. Dat kan te maken hebben met een samenhang tussen lage taalvaardigheid en problemen in de sociaal-emotionele ontwikkeling van leerlingen. Een andere mogelijke verklaring is dat leerlingen met een lage taalvaardigheid moeite hebben sociale relaties aan te gaan. Er is geen bewijs dat een taalachterstand gedragsproblemen bij NT2-leerlingen veroorzaakt.

    Lees meer

    Basisschoolleerlingen die een aantal jaren achtereen les krijgen van dezelfde leerkracht hebben daar profijt van. Het komt de leerprestaties en de relatie tussen leerling, leerkracht en ouders ten goede. Nadelen treden op als er een slechte match is in die relaties. Hoewel er geen specifiek onderzoek gedaan is naar hoe dit zit bij kleuters, valt er vanuit te gaan dat voor hen dezelfde uitkomsten gelden.

    Lees meer

    Er is enig bewijs dat een meertalig kind met een taalontwikkelingsstoornis (TOS) meer baat heeft bij ondersteuning in alle talen die het spreekt dan bij ondersteuning in één taal. Aannemelijk is dat logopedisten die gespecialiseerd zijn in meertaligheid hierin uitkomst kunnen bieden. Voor een goede diagnostisering van een TOS is het van belang om een kind te testen in alle talen die het spreekt. Ook het proces van het taalleren moet in kaart worden gebracht.

    Lees meer