Antwoorden op onderwijsvragen

De Kennisrotonde beantwoordt onderwijsvragen op basis van kennis uit onderzoek. De antwoorden helpen jou om wetenschappelijk onderbouwde keuzes te maken in de praktijk. Heb je niet gevonden waar je naar op zoek bent? Stel dan zelf jouw onderwijsvraag!

366 resultaten

    Studenten die schrijfcursussen hebben gevolgd, scoren beter op kritisch denkvermogen dan voor de cursus. Ze doen het ook beter dan studenten die geen schrijfcursussen volgden. Vooral de combinatie van onderwijs in schrijven én kritisch denken blijkt effectief om het kritisch vermogen te stimuleren. Docenten kunnen hier kritisch denken expliciet onderwijzen of aan bod laten komen via dialogen en discussies tussen en met studenten.

    Lees meer

    Sommige studies naar door scholen georganiseerde lunches tonen positieve effecten op leerresultaten; andere studies vinden geen effect. Positieve veranderingen in gedrag en cognitieve vaardigheden worden wel genoemd als mogelijke effecten van voedselprogramma’s, maar daar is geen bewijs voor. Het is dus onduidelijk of een door de school verzorgde lunch een positief effect heeft op leerprestaties, gedrag of cognitieve vaardigheden van leerlingen die anders niet lunchen.

    Lees meer

    Wanneer de leerkracht expliciete instructie geeft in zinsbouw, leren leerlingen beter om correcte zinnen te formuleren in schrijfopdrachten. Daarnaast is het zinvol om aspecten van grammaticaonderwijs te integreren in het schrijfonderwijs. Leerlingen die dit geïntegreerde onderwijs hebben gevolgd, boeken meer vooruitgang in zinnen formuleren tijdens het schrijven van teksten dan leerlingen die geen uitleg kregen over expliciete koppeling met grammatica.

    Lees meer

    De vijfvingertest is een methode om leerlingen zelf te laten beoordelen of het boek dat zij kiezen, aansluit bij hun leesvaardigheidsniveau. Leerkrachten en bibliotheekmedewerkers zetten de vijfvingertest regelmatig in. Omdat onderzoek naar het effect van de vijfvingertest ontbreekt, kunnen er geen uitspraken gedaan worden over de geschiktheid van de methode.

    Lees meer

    Er is geen eenduidig bewijs dat kauwgom kauwen in de klas bijdraagt aan de leerprestaties van leerlingen in het voortgezet onderwijs. Ook zijn resultaten wisselend of kauwgom kauwen bijdraagt aan cognitieve processen die leerprestaties verbeteren, zoals werkgeheugen. Er is het meest eenduidige bewijs dat kauwgom kauwen (jong)volwassenen helpt om hun aandacht vast te houden. Maar ook dan lijken andere, grotendeels nog onbekende factoren van invloed te zijn op het effect van kauwgom kauwen op leerprestaties en cognitieve processen.

    Lees meer

    Taken die sterk lijken op de trainingstaken worden doorgaans beter uitgevoerd na de training. Hoe meer de taken op elkaar lijken, hoe groter het effect is. Werkgeheugentrainingen hebben weinig tot geen effect op andere soorten taken; leerprestaties verbeteren niet. Taal- en rekenvaardigheden nemen niet toe, en intelligentie en aandachtspanne evenmin. Deze uitkomsten gelden voor alle groepen die gebruikmaken van werkgeheugentrainingen en dus ook voor leerlingen met een beperkt(er) werkgeheugen.

    Lees meer

    Bij jonge leerlingen bevordert het inzetten van de moedertaal de woordenschat in de tweede taal. Het is waarschijnlijk dat dit ook geldt voor oudere leerlingen. Want, als woorden uit verschillende talen met elkaar verbonden worden in de hersenen, verwerkt de persoon deze woorden efficiënter en leert hij of zij de woorden makkelijker. Wanneer leerlingen hun moedertaal in de klas mogen gebruiken, bevordert dit het leren van het Nederlands en het begrip van de lesstof van andere vakken.

    Lees meer

    Als leerlingen tijdens de schoollunch activiteiten uitvoeren die veel aandacht vragen, zoals tv-kijken, een computerspelletje spelen of een smartphone gebruiken, dan lopen zij het risico ‘gedachteloos’ te eten. De smaakbeleving en het verzadigingsgevoel worden dan niet goed waargenomen. Ook slaan leerlingen geen precieze herinnering op aan het eten, waardoor ze sneller weer een hongergevoel krijgen. Ze eten daardoor mogelijk tijdens de lunch en na schooltijd meer dan ze eigenlijk nodig hebben.

    Lees meer

    Gezelschapsspelletjes met basisschoolleerlingen spelen, kan een positief effect hebben op de ontwikkeling van inhibitie en cognitieve flexibiliteit. Voor jonge leerlingen lijkt het meer effect te hebben op inhibitie, voor oudere leerlingen meer op cognitieve flexibiliteit. De juiste moeilijkheidsgraad – en die continu aanpassen – is belangrijk voor cognitieve flexibiliteit. Verder lijkt het erop dat ongedwongen spelverloop, waarbij leerlingen spelen voor hun plezier, meer bijdraagt aan de ontwikkeling van beide executieve functies.

    Lees meer

    Hoewel er weinig onderzoek is gedaan naar de beoordeling van prestaties in de kunstvakken, is wel aangetoond dat een formatieve evaluatie een valide instrument is om het leerproces en het eindproduct te beoordelen. En dus op summatieve wijze in te zetten. Met rubrics kunnen leraren goed prestaties meten en beoordelen bij disciplines als dans, muziek, theater en beeldende kunst, maar er zijn ook andere manieren om dit te doen.

    Lees meer