De lesobservatie-instrumenten ICALT en CLASS zijn bruikbaar bij de ontwikkeling van het pedagogisch-didactisch handelen van leraren. Deze instrumenten dragen bij aan professionele ontwikkeling, zijn betrouwbaar en valide, en ze brengen verschillende aspecten van leskwaliteit in kaart. Bovendien zijn ze goed beschreven in toegankelijke informatie en voor meerdere leerjaren geschikt.
Specifiek voor pabo-opleidingen is niet onderzocht of heterogene of homogene groepen gunstiger zijn voor het studiesucces van studenten. In andere contexten blijken de verschillen klein. Factoren zoals onderwijskwaliteit, sociaaleconomische achtergrond en taalvaardigheid zijn belangrijker voor de leerresultaten dan de groepssamenstelling. Bij opleidingen met weinig mannen, zoals de pabo, kan het gunstig zijn om enkele mannen bij elkaar in een groep te plaatsen. Als je hen te veel over de groepen verspreidt, voelen zij zich eerder een uitzondering.
Welke groepssamenstelling het beste werkt voor een veilig en stimulerend leerklimaat, is niet bekend. Jonge basisschoolleerlingen lijken wel te profiteren van een combinatieklas met oudere leerlingen, blijkt uit onderzoek. Ze scoren beter op taal- en rekentoetsen dan leeftijdsgenoten die niet in een combinatieklas zitten. Naarmate de leeftijd van leerlingen toeneemt en zij meerdere combinatieklassen doorlopen, verdwijnt het voordeel van combinatieonderwijs. Er zijn aanwijzingen dat verschillen in leerresultaten tussen leerlingen (mede) worden beïnvloed door de ervaring van de leerkracht.
Voor zover bekend is er geen onderzoek gedaan naar de relatie tussen het opleidingsniveau van eerstegraads docenten in het voortgezet onderwijs en hun functioneren als docent. Beginnende, universitair geschoolde vo-docenten vóelen zich wel vaak minder bekwaam en minder goed voorbereid op het vak. En ze hebben minder professioneel zelfvertrouwen dan hun hbo-opgeleide collega’s.
Welke pedagogische competenties ervoor zorgen dat een leraar zich handelingsbekwaam voelt om maatschappelijk uitdagende onderwerpen te behandelen, is niet bekend. Wel weten we dat lerarenopleidingen hun studenten hierop voorbereiden door specifieke competenties te stimuleren. Maar wat het effect daarvan is op hun gevoel van handelingsbekwaamheid, weten we niet precies. Uit één Nederlandse studie komen aanwijzingen dat studenten die oefenen met vaardigheden om gevoelige onderwerpen te bespreken, zich handelingsbekwamer voelen.
Basisscholen hebben veel ruimte om het vakgebied Natuur & Techniek zelf in te vullen. Daarom is het lastig voor pabo’s om beginnende leerkrachten voor dit vakgebied op te leiden. Pabo’s kunnen studenten helpen door vakkennis en vakdidactiek voor N&T in samenhang aan te bieden. Beginnende leerkrachten kunnen meer succeservaringen opdoen door laagdrempelig te oefenen met vakdidactiek, door vakinhoud concreet te maken en didactiek en inhoud met medestudenten en opleiders te bespreken. Daardoor groeit hun zelfvertrouwen om N&T te geven.
Als leraren in teams veel zeggenschap krijgen over hun werk en professionele ontwikkeling, heeft dat voordelen voor hun werkplezier en de ontwikkeling van hun onderwijs. Of ook leerlingen er baat bij hebben, is onduidelijk. In het voortgezet onderwijs is geen effectonderzoek dat kijkt naar de leerresultaten van leerlingen. De schaarse effectstudies in het primair onderwijs geven geen eenduidig beeld.
Leerlingen doen actiever mee aan de les wanneer de leraar hen willekeurig beurten geeft (cold calling). Bovendien worden de beurten op die manier gelijkmatiger over de klas verdeeld. Beide factoren dragen bij aan leerwinst. Eventuele stress bij leerlingen doordat ze onverwacht een beurt kunnen krijgen kan ook voordelen hebben, mits leraren voldoen aan de randvoorwaarden voor cold calling. Er zijn geen wetenschappelijke studies gevonden die diréct toetsen of willekeurig beurten geven in de klas tot meer leerwinst leidt dan vrijwillig vingers opsteken.
Concentratie is essentieel voor leren en presteren op school. Maar omdat de concentratiemodus energie kost, kunnen leerlingen deze maar beperkte tijd vasthouden. Met vijf strategieën kun je als docent de concentratie van leerlingen bevorderen: (1) Zorg voor goede ventilatie en een aangename temperatuur in het lokaal. (2) Bied leerlingen kansen op succeservaringen. (3) Wees alert op mogelijke afleidingen. (4) Zorg voor lesactiviteiten die leerlingen activeren. (5) Investeer in een positieve sfeer in de klas en een goede relatie met leerlingen.
Leraren die zelf lezen in hun vrije tijd, zijn actievere leesbevorderaars. Ze praten meer over boeken, kunnen hun leerlingen beter adviseren en zijn een positief rolmodel. Hun leerlingen hebben meer plezier in lezen en lezen ook vaker. Leraren ervaren interventies met het doel het leesplezier en de gewoonte om te lezen te bevorderen als zinvol.