Helpt preventief welzijnsaanbod om zwaardere mentale problematiek bij universitaire studenten tegen te gaan?

Preventief welzijnsaanbod voor risicogroepen en studenten die aan het begin van problemen staan, kan helpen om zwaardere mentale problemen te voorkomen. Een algemeen preventief programma dat op alle studenten gericht is, heeft een kleiner effect dan specifieke aanpakken. De effectiviteit van preventieve ondersteuning hangt ook af van de inhoud van het aanbod en de betrokkenheid van studenten. Onderzoek naar effectieve communicatie over preventief aanbod ontbreekt. Wel kunnen richtlijnen voor communicatie met studenten over welzijnsaanbod in het algemeen mogelijk behulpzaam zijn.

Gepubliceerd:

© Monkey Business Images / Shutterstock welzijnsaanbod

Meer dan de helft van de studenten in het hoger onderwijs ervaart in meer of mindere mate emotionele en psychische klachten. Zij voelen zich eenzaam, angstig en somber, zijn emotioneel uitgeput, hebben concentratieproblemen of last van prestatiedruk en faalangst.

Preventief aanbod mentaal welzijn is gevarieerd

Studenten met een sterke positieve mentale gezondheid of veerkracht vertonen minder vaak psychische klachten. Om die weerbaarheid te behouden of te bereiken, is een gevarieerd ondersteuningsaanbod mogelijk. Dat aanbod bestaat uit activiteiten om welzijnsproblemen te voorkomen, begeleiding bij beginnende problemen en activiteiten om terugkeer van problemen voor te zijn.

Dat aanbod kan universeel, selectief of geïndiceerd gericht zijn. Universele preventie is bedoeld om het algemene welzijn van alle studenten te bevorderen, ongeacht eventuele risicofactoren. Selectieve preventie richt zich op het identificeren en ondersteunen van kwetsbare groepen studenten met een verhoogd risico op welzijnsproblemen. Geïndiceerde preventie omvat aanbod gericht op studenten die al tekenen of symptomen vertonen van mogelijke mentale problemen.

Specifieke interventies zijn effectiever dan algemene interventies

Vooral selectieve en geïndiceerde interventies zijn effectief om (zwaardere) mentale klachten te voorkomen. Deze interventies laten veelbelovende resultaten zien in de behandeling van onder meer angststoornissen en depressie bij universitaire studenten. Hoewel universele preventie mogelijk minder stigmatiserend is, is breed gerichte preventie minder effectief bij studenten met beginnende problematiek.

Inhoud van het aanbod en betrokkenheid studenten ook van belang

Vooral cognitieve en gedragsgerichte interventies, mindfulness en meditatie helpen bij het verminderen van angst en depressie onder studenten. Verder blijkt dat interventies die zich richten op gemeenschappelijke symptomen van verschillende stoornissen effectiever zijn dan interventies die zich specifiek richten op één stoornis.

Daarnaast is de betrokkenheid van studenten van belang. Wat daarbij helpt is aansluiten bij de leefwereld van studenten en hun welzijnsbehoeften. Dat kan door een veilige omgeving te creëren, een gemeenschapsgevoel te stimuleren, fysieke bijeenkomsten in een relaxte setting te organiseren, en te focussen op vaardigheden die studenten zelfstandig kunnen toepassen.

Communicatie over preventief aanbod

Hoewel er geen onderzoek is gedaan naar communicatiestrategieën over preventief welzijnsaanbod om studenten te bereiken, zijn er wel algemene richtlijnen te geven. Zo is het cruciaal om boodschappen en kanalen te differentiëren naar doelgroepen. Verder is het belangrijk om het stigma op hulp bij welzijnsproblemen te verminderen. Dat kan door persoonlijke verhalen te delen en ervaringsverhalen van beroemdheden of rolmodellen onder de aandacht van studenten te brengen.

Naast het gebruik van massacommunicatie om studenten tegelijkertijd te bereiken, is interpersoonlijke communicatie belangrijk. Bijvoorbeeld ouders, docenten of ondersteuners die informatie geven aan individuele studenten. Ervaringen van vrienden die zelf gebruik hebben gemaakt van welzijnsaanbod is ook effectief. Daarnaast is het belangrijk om communicatie rond studentenwelzijn vooral positief in te steken. Ten slotte moet duidelijk zijn welk aanbod beschikbaar is en waar deze te verkrijgen is.

Meer weten?

Dit antwoord is tot stand gekomen met dank aan Maaike Engels (kennismakelaar Kennisrotonde). Zij heeft hiertoe Jolien Dopmeijer geconsulteerd.


Ga je het antwoord gebruiken in het onderwijs?
Wat vind je van de leesbaarheid van het antwoord?

Privacyverklaring

Wij gaan zorgvuldig om met persoonsgegevens. Lees hierover meer in onze privacyverklaring.

Gerelateerde vragen

    Universitaire studenten kunnen verschillende hulpbronnen inzetten om hun welzijn te verbeteren. De voornaamste zijn professionele, sociale en technologische ondersteuning, en een gezonde levensstijl. Deze hulpbronnen zorgen onder andere voor meer veerkracht. Studenten leren ook beter omgaan met problemen en ze ervaren minder stress, angst en depressie. Studenten zoeken echter nauwelijks hulp of doen dat te laat. Zij geloven niet dat het helpt, staan er negatief tegenover vanwege prestatiedruk en stigmatisering of zijn bang voor negatieve gevolgen voor hun studieresultaten.

    Lees meer

    Docent-studentrelaties hangen samen met de sense-of-belonging van studenten. Belangrijk voor de kwaliteit van de relatie is dat docenten en studenten elkaar persoonlijk kennen en vertrouwen, en dat er sprake is van oprechte communicatie. Andere kwaliteitsaspecten zijn ondersteuning van het leerproces van studenten, en respect en gelijkwaardigheid. Veel interventies die de sense-of-belonging bevorderen, kunnen docenten op les- of individueel niveau toepassen en zijn daarom geschikt in de context van flexibilisering.

    Lees meer

    Interventies gebaseerd op sociale steun hebben het grootste effect op veerkracht. Volgens studenten kunnen docenten hen op verschillende manieren steunen bij het overwinnen van moeilijkheden tijdens hun studie en zo bijdragen aan studiesucces. Zij achten het belangrijk dat docenten zich oprecht bekommeren om hun welzijn, proactief begeleiding en hulp aanbieden. Daarnaast is het van belang dat ze beschikbaar zijn, een langdurige en persoonlijke band opbouwen, hen aanmoedigen en uitdagen, en hoge verwachtingen hebben.

    Lees meer

    Sense-of-belonging gaat over een gevoel van verbondenheid en erbij horen. Voor studenten draagt het bij aan hun studiesucces en welzijn. Ook voor docenten is het belangrijk om zich op hun plek te voelen op hun werk. Wat de directe invloed is van de sense-of-belonging van docenten op die van studenten is niet bekend. Wel kunnen docenten de sense-of-belonging van studenten bevorderen door interactie met en tussen studenten te stimuleren.

    Lees meer