Maak studenten duidelijk waarom voor een interdisciplinaire insteek is gekozen en welke leeruitkomsten ze kunnen behalen. Dat is een van de ontwerpprincipes van interdisciplinair onderwijs in het hoger onderwijs. Daarnaast is het belangrijk de juiste mindset bij docenten en studenten te ontwikkelen en evenwicht aan te brengen tussen de te integreren disciplines. Voor het welslagen van de integratie is een veilige, neutrale en gedeelde onderwijsomgeving van belang, evenals goede handleidingen. Docenten zijn coaches en werken als team.
Met de stoplichtmethode kunnen leerkrachten gedragsregels met de kleuren rood, oranje en groen duidelijk maken in de klas. Leerlingen vertonen met die aanpak meer taakgericht en minder storend gedrag. Dit geldt voor leerlingen van verschillende leeftijden en in verschillende onderwijssettings. Het lijkt belangrijk om de stoplichtmethode zorgvuldig te introduceren en te bespreken met de leerlingen.
Wetenschappers nemen aan dat expliciete aandacht voor denkwijzen, ook wel crosscutting concepts (CCC’s) geheten, in de bètalessen belangrijk is om vakinhoud te leren en om hogere orde denkvaardigheden te versterken. Er is echter maar weinig gedegen onderzoek beschikbaar dat het effect ervan aantoont. Uit enkele kleinschalige studies is wel af te leiden dat leerlingen er baat bij hebben als docenten expliciet aandacht besteden aan denkvaardigheden of aan een specifieke denkwijze als systeemdenken.
Leerkrachten die een nieuwe taalmethode willen, moeten op verschillende criteria letten. Een methode die bijdraagt aan de taalontwikkeling van leerlingen integreert de verschillende taalvaardigheden en biedt meerdere taalstrategieën aan. Verder zijn algemene kenmerken voor effectief onderwijs van belang bij de keuze van een nieuwe taalmethode. Dat zijn expliciete en doelgerichte instructie, leerlingen volgen en evalueren, maatwerk bieden en rekening houden met het werkgeheugen van leerlingen.
Goed leermateriaal ondersteunt het leren en oogt aantrekkelijk. Digitaal leermateriaal spreekt meerdere zintuigen tegelijkertijd aan. Visuele elementen zijn beeld en tekst, auditieve elementen geluid en gesproken tekst. Algemeen geldt dat het directe leereffect op de korte termijn sterker wordt bij het combineren van beeld en gesproken tekst. Er zijn aanwijzingen dat voor leren op de lange termijn de combinatie van beeld met geschreven tekst effectiever is. Specifiek onderzoek over educatief beeldmateriaal voor taalzwakke mbo-ers, ontbreekt.
Langdurig werken met tablets kan leiden tot lichamelijke klachten. Daarnaast lijkt nabijwerk, activiteiten die gedaan worden op korte werkafstand, bijziendheid te kunnen veroorzaken. Nabijwerk kan echter ook het lezen van een boek zijn, of het maken van huiswerk. Zorgen voor afwisseling met buiten spelen is vaak het advies. Onderzoek naar de effecten van werken met tablets op de leeropbrengsten van cluster 4 leerlingen toont eerste positieve resultaten. Maar meer onderzoek is nodig om deze te bevestigen.
Digitaal lesmateriaal biedt voordelen voor leerlingen met ADHD of ASS, omdat het structurerend is en voorspelbaar. Daardoor helpt het lesmateriaal deze kinderen om te gaan met beperkt ontwikkelde executieve functies. Bovendien heeft digitaal lesmateriaal met game-elementen een positieve invloed op de motivatie. Dat executieve functies ook verbeteren door het gebruik van digitaal lesmateriaal, is niet aangetoond. Met dat doel zijn er speciale trainingsprogramma’s ontwikkeld: Cogmed en Braingame Brian. Deze trainingen hebben voor kinderen met ADHD een positieve invloed op verschillende executieve functies, zowel op de korte als de middellange termijn. Voor kinderen met ASS is de effectiviteit niet aangetoond. Onderzoek naar de invloed van digitaal lesmateriaal op sociale competenties is niet aangetroffen.
GIS kan een positief effect hebben op het inzicht in geografische vraagstukken. Het is een manier om ruimtelijk inzicht te stimuleren en te ondersteunen. Maar positieve effecten van GIS gelden niet voor alle leerlingen. Leerlingen met een niet-westerse achtergrond profiteren bijvoorbeeld meer van GIS dan andere leerlingen. Over het algemeen geldt dat de kwantiteit, hoe vaak per week GIS wordt gebruikt, en de kwaliteit, hoe de lessen met GIS worden vormgegeven, belangrijk zijn. Essentieel is het ontwerp van de lessen met GIS. In een goed ontwerp staan complete en heldere doelen centraal. Het bevat opdrachten waarin leerlingen zelf ontdekken en verkennen. En leerlingen werken vijf keer per week aan de opdrachten en bespreken deze klassikaal.