Voor effectieve ontwikkeling, deling en benutting van kennis is een hecht professioneel netwerk in de school belangrijk. In zo’n netwerk werken docentonderzoekers gedurende de onderzoekcyclus samen met collega’s aan vraagstukken uit en oplossingen voor de onderwijspraktijk. Deze werkwijze vergroot het draagvlak. Naast de interactieve benadering is het belangrijk dat docentonderzoekers gestructureerd en planmatig samenwerken in een stabiele en goed gecoördineerde en begeleide groep. Leidinggevenden hebben in dit alles een ondersteunende rol.
Nieuwkomers in groep 3 hebben meer tijd nodig om mondeling en schriftelijk vaardig te worden in het Nederlands. Bepaalde vormen van vertraging en verbreding van het aanvankelijk leesproces kunnen daarvoor effectief zijn. Vertragen kan door deze leerlingen aanvullende lessen te geven, expliciete uitleg te geven en lesstof te herhalen. Verbreden kan vermoedelijk door taalonderwijs in andere delen van het curriculum te integreren, en door tweetalig leesonderwijs of onderwijs in de moedertaal van nieuwkomers te geven.
In semantisch of metaconceptueel grammaticaonderwijs leren leerlingen hoe zinnen zijn opgebouwd en waarom dat zo is. Deze aanpak heeft een positief effect op zinsontleding en het taalbewustzijn van onder meer vwo-3-leerlingen en brugklassers. Leerlingen die volgens deze benadering les krijgen, hebben meer begrip van grammaticale zinsconstructies dan leerlingen die traditionele grammaticalessen volgen. Of deze positieve uitkomsten ook voor het primair onderwijs gelden, is niet bekend. Daar is geen onderzoek naar gedaan.
Studenten die schrijfcursussen hebben gevolgd, scoren beter op kritisch denkvermogen dan voor de cursus. Ze doen het ook beter dan studenten die geen schrijfcursussen volgden. Vooral de combinatie van onderwijs in schrijven én kritisch denken blijkt effectief om het kritisch vermogen te stimuleren. Docenten kunnen hier kritisch denken expliciet onderwijzen of aan bod laten komen via dialogen en discussies tussen en met studenten.
Wanneer de leerkracht expliciete instructie geeft in zinsbouw, leren leerlingen beter om correcte zinnen te formuleren in schrijfopdrachten. Daarnaast is het zinvol om aspecten van grammaticaonderwijs te integreren in het schrijfonderwijs. Leerlingen die dit geïntegreerde onderwijs hebben gevolgd, boeken meer vooruitgang in zinnen formuleren tijdens het schrijven van teksten dan leerlingen die geen uitleg kregen over expliciete koppeling met grammatica.
Bij jonge leerlingen bevordert het inzetten van de moedertaal de woordenschat in de tweede taal. Het is waarschijnlijk dat dit ook geldt voor oudere leerlingen. Want, als woorden uit verschillende talen met elkaar verbonden worden in de hersenen, verwerkt de persoon deze woorden efficiënter en leert hij of zij de woorden makkelijker. Wanneer leerlingen hun moedertaal in de klas mogen gebruiken, bevordert dit het leren van het Nederlands en het begrip van de lesstof van andere vakken.
Hoewel er weinig onderzoek is gedaan naar de beoordeling van prestaties in de kunstvakken, is wel aangetoond dat een formatieve evaluatie een valide instrument is om het leerproces en het eindproduct te beoordelen. En dus op summatieve wijze in te zetten. Met rubrics kunnen leraren goed prestaties meten en beoordelen bij disciplines als dans, muziek, theater en beeldende kunst, maar er zijn ook andere manieren om dit te doen.
Twee factoren zijn van belang bij geïntegreerde leertrajecten. Als leerlingen en studenten extra ondersteuning krijgen, is de kans groter dat ze het leertraject succesvol afronden. Daarnaast lijken leerlingen en studenten gebaat te zijn bij een gecombineerde inzet van docenten. Een aparte docent die hen basisvaardigheden als taal aanleert, naast een docent voor beroepsvaardigheden.
Effectieve leertrajecten stellen de persoonlijke situatie van NT2-deelnemers centraal en bieden intensieve ondersteuning bij het lezen en spreken. Daarnaast zijn praktische randvoorwaarden van belang, zoals kinderopvang en bereikbaarheid. Verder lijkt het goed om taal- en rekenvaardigheden geïntegreerd aan te bieden. Er is vrijwel geen onderzoek gedaan naar de effectiviteit van leermaterialen en -methoden Engels en rekenen voor jongvolwassenen met een NT2-achtergrond.
Er zijn verschillende manieren die helpen om laaggeletterde volwassenen te bereiken. Dat zijn de doelgroep specificeren, samenwerking tussen organisaties en een passend aanbod creëren, op zowel inhoud als vorm. Daarnaast is het belangrijk om rekening te houden met belemmeringen die de doelgroep kan ervaren. Bij dit alles is duidelijke communicatie essentieel. Over effectieve manieren om laaggeletterde ouders te bereiken en hen te stimuleren mee te doen aan activiteiten om de eigen taalvaardigheid te vergroten, is niets bekend.