Antwoorden op onderwijsvragen

De Kennisrotonde beantwoordt onderwijsvragen op basis van kennis uit onderzoek. De antwoorden helpen jou om wetenschappelijk onderbouwde keuzes te maken in de praktijk. Heb je niet gevonden waar je naar op zoek bent? Stel dan zelf jouw onderwijsvraag!

34 resultaten

    Een lagere taalvaardigheid en gedragsproblemen hangen samen. Dat kan te maken hebben met een samenhang tussen lage taalvaardigheid en problemen in de sociaal-emotionele ontwikkeling van leerlingen. Een andere mogelijke verklaring is dat leerlingen met een lage taalvaardigheid moeite hebben sociale relaties aan te gaan. Er is geen bewijs dat een taalachterstand gedragsproblemen bij NT2-leerlingen veroorzaakt.

    Lees meer

    Leerkrachten kunnen op verschillende manieren effectieve feedback geven aan kleuters. Bijvoorbeeld door kleuters informatieve feedback op taken te geven, zoals het juiste antwoord of een aanwijzing voor de oplossing. Het is belangrijk om de feedback aan te bieden in gesproken tekst of simpele visuele vorm. Kleuters hebben het meest aan neutrale feedback gericht op de inhoud van de taak. Omdat kleuters vaak eenvoudiger vaardigheden leren, is feedback direct na een taak het effectiefst.

    Lees meer

    Leeftijd, cognitieve vaardigheden (vooral taalbewustzijn), sociaal-emotionele ontwikkeling en gedrag hangen sterk samen met het oordeel van de leerkracht of een leerling wel of niet toe is aan groep 3. Om een succesvolle overgang naar groep 3 te realiseren, hebben zowel leerkrachten in groep 2 als in groep 3 een taak.

    Lees meer

    Een sensorisch hulpmiddel eenmalig inzetten, zoals een wiebelkussen of hoofdtelefoon, leidt niet tot verbetering van taakgericht werken. Wel zijn er aanwijzingen dat sensorische hulpmiddelen effectief kunnen zijn, wanneer ze aansluiten bij het individuele patroon van prikkelverwerking van de leerling. Leerlingen kunnen ze het best langdurig gebruiken, zodat ze wennen aan een hulpmiddel. Daarnaast kunnen leerkrachten de leeromgeving zo aanpassen dat leerlingen hun aandacht op een taak kunnen richten en vasthouden.

    Lees meer

    Kennis over autismespectrumstoornis kan taaldocenten en taaltrainers helpen hun begeleidingstraject van studenten met zo’n stoornis te verbeteren. Het gaat om algemene leervoorwaarden, cognitieve gedragskenmerken en de manier waarop deze studenten taal beleven en daar betekenis aan geven. Daarnaast zijn aandacht voor communicatieregels en sociale interactie van belang. Er is geen onderzoek bekend specifiek over effectieve begeleiding en instructie van personen met een autismespectrumstoornis die een vreemde taal leren.

    Lees meer

    Van beloningen is bekend dat ze een positief effect hebben op gedrag. Sommige beloningen verhogen de intrinsieke motivatie, wat een duurzaam effect kan hebben op de sociaal-emotionele vaardigheden en het gedrag van jongeren. Van jongeren met complexe gedragsproblemen is bekend dat ze minder gevoelig zijn voor beloningen. Daardoor is het onzeker of beloningen een duurzaam effect hebben.

    Lees meer

    Volwassenen met lage basisvaardigheden beschikken na deelname aan een leertraject over betere sociale vaardigheden. Ze worden assertiever en meer zelfwerkzaam. Verder ontwikkelen ze een positiever zelfbeeld. Als ouder krijgen ze een beter contact met hun kinderen en met school. Vooral de inzet van goede docenten, goede materialen en activiteiten, en transfermogelijkheden bevorderen de groei in sociale vaardigheden tijdens een leertraject. Ook betrokkenheid van de omgeving en ondersteuning van een vrijwilliger helpen.

    Lees meer

    In elke kleuterklas zitten kinderen die verlegen, afwachtend en/of stil zijn. Mogelijke verklaringen hiervoor zijn het temperament van kleuters (erg verlegen) of dat ze in een toekijkende fase zitten. In heel uitzonderlijke gevallen is er sprake van selectief mutisme (stil gedrag). Voor de meeste van deze kleuters is geen interventie nodig om ze met activiteiten mee te laten doen. Het gedrag gaat vanzelf over.

    Lees meer

    Geactualiseerd: 12 maart 2024

    Kinderen laten na training in cognitieve flexibiliteittaken in het algemeen verbeteringen op die taken zien. Bij kinderen met een Autisme Spectrum Stoornis (ASS) is dat minder duidelijk. Evenmin is duidelijk of kinderen door deze trainingen in de klas of in het dagelijkse leven minder problemen met cognitieve flexibiliteit tonen. Een meer samenhangend cognitief gedragsprogramma (Unstuck and On Target) laat bij kinderen met ASS enige bemoedigende resultaten zien.

    Lees meer

    Gerichte interventies kunnen probleemgedrag bij leerlingen terugdringen of voorkomen. Welke aanpak het geschiktst is, hangt af van de ernst van de gedragsproblemen en de leeftijd van de leerling. Gaat het om leerlingen tot twaalf jaar, dan is een gedragstherapeutische training voor ouders het effectiefst. Mocht dat niet werken, dan is cognitieve gedragstherapie voor het kind zelf – vanaf acht jaar – een optie. Het gaat dan vooral om training in zelfcontrole en het reguleren van agressie. Daarnaast bevordert de therapie de ontwikkeling van sociale vaardigheden of probleemoplossend vermogen. Ook het versterken van executieve functies kan probleemgedrag terugdringen.

    Lees meer