Antwoorden op onderwijsvragen

De Kennisrotonde beantwoordt onderwijsvragen op basis van kennis uit onderzoek. De antwoorden helpen jou om wetenschappelijk onderbouwde keuzes te maken in de praktijk. Heb je niet gevonden waar je naar op zoek bent? Stel dan zelf jouw onderwijsvraag!

248 resultaten

    Observatie van lessen aan de hand van kijkwijzers kan waardevolle input leveren voor evaluatiegesprekken met leraren. Het is echter niet vanzelfsprekend dat zij daardoor anders gaan handelen. Leraren professionaliseren als zij zich veilig voelen, zich kunnen vinden in de leervraag en invloed hebben op het proces. Over effecten van zelfgemaakte kijkwijzers zijn geen gegevens bekend.

    Lees meer

    Geactualiseerd: 28 augustus 2023

    Effectieve vormen van feedback zijn doelgericht, concreet en positief geformuleerd. Docenten moeten zich veilig voelen en zien dat de feedback aansluit op hun eigen leervragen en ontwikkelpunten. Verder moet feedback betrouwbaar en overtuigend zijn. Als aan deze voorwaarden is voldaan, kan feedback docenten motiveren tot verdere professionele ontwikkeling. Videofeedback is daarbij een veelgebruikte en effectieve methode.

    Lees meer

    Geactualiseerd: 1 februari 2023

    Schrijven op het gladde oppervlak van een beeldscherm vraagt meer motorische controle. Op een scherm moeten leerlingen hun aandacht vooral houden bij het maken van de schrijfbeweging, wat ten koste gaat van letters en woorden onthouden. Letters worden vaak groter gemaakt en zijn minder goed leesbaar. Leerlingen van wie de schrijfvaardigheid nog in ontwikkeling is, hebben meer moeite met het schrijven op een tablet dan volwassenen.

    Lees meer

    Aanleg, de thuissituatie, de school en de neuropsychologische ontwikkeling van de leerling spelen een rol bij onderpresteren. Om presteren onder een verwacht niveau in het algemeen te kunnen verklaren, is er echter nog onvoldoende duidelijk. Er is evenmin helderheid over de relatie tussen onderpresteren en gedragsproblemen. Een vroege aanpak-op-maat ligt evenwel voor de hand. Scholen en docenten bieden leerlingen dan een veilige omgeving en structuur. Docenten gaan empathisch met de leerlingen om, waarbij het welbevinden van de leerlingen extra aandacht verdient, ook van de meisjes.

    Lees meer

    Geactualiseerd: 20 september 2023

    Onderzoek naar vakinhoudelijke, vakdidactische en pedagogische didactische bekwaamheden vindt vooral plaats binnen de algemeen vormende vakken, en dan ook nog hoofdzakelijk binnen de bètavakken en wiskunde. Daardoor is niet duidelijk in hoeverre deze bekwaamheden overlappen tussen algemeen vormende en beroepsgerichte vakken. Er zijn wel aanwijzingen dat vakdidactiek niet noodzakelijkerwijs samenvalt met vakinhoudelijke kennis en dat er overlap bestaat in vakdidactische bekwaamheden bij niet-gerelateerde vakken. Maar om stevigere conclusies te trekken is meer onderzoek nodig.

    Lees meer

    Didactische strategieën waarbij de docent het schoolvak verbindt met de buitenwereld verhogen het begrip van concepten in de bètavakken het meest. Ook van samenwerken in groepjes leren leerlingen veel. Er zijn echter grote individuele verschillen tussen leerlingen. Het leren begrijpen van natuurwetenschappelijke concepten verloopt zeer uiteenlopend, zeker als leerlingen al een eigen – (deels) onjuist – begrip van een onderwerp hebben. Om hun eigen ideeën bij te stellen, moeten ze een cognitief conflict ervaren; echt zien dat het anders zit.

    Lees meer

    Een lotingssysteem bij overaanmelding voor middelbare scholen zal voor een beperkt deel van de ouders (waarschijnlijk rond de tien procent) reden zijn een andere school te kiezen. Een school waar zekerheid is over plaatsing. Ongeveer driekwart van de ouders zou ondanks de loting de kinderen toch aanmelden. Verschillen hierin tussen scholengemeenschappen en categorale scholen zijn niet gevonden. Het vergroten van brugklassen als alternatief voor loting zal zonder aanvullende maatregelen vermoedelijk leiden tot lagere leerprestaties.

    Lees meer

    Er is onvoldoende empirisch bewijs voor het effect van de Shuttle Run test op de fitheid van leerlingen. Wel zijn er factoren die prestaties op de Shuttle Run test beïnvloeden, zoals overgewicht en vertrouwen in eigen kunnen. Leerlingen kunnen worden gemotiveerd voor de test door hen te laten focussen op het verbeteren van de eigen fitheid en vaardigheden in plaats van op de prestatie.

    Lees meer

    Onderwijstijdverlenging via verlengde schooldagen heeft een neutraal tot zwak positief effect op de leerprestaties (taal en rekenen) van basisschoolleerlingen. Vooral leerlingen op achterstandsscholen lijken te profiteren van deelname. Wat het optimaal aantal uren is voor de verlenging, is niet bekend. Meer uren leiden tot betere prestaties, maar waar het omslagpunt ligt, is onduidelijk. Programma’s gericht op niet-cognitieve ontwikkeling van leerlingen dragen positief bij aan het zelfbeeld van leerlingen en zorgen voor minder probleemgedrag. Daarnaast hebben leerlingen een betere band met school, minder drugsgebruik en positievere interacties met anderen.

    Lees meer

    Het programma Filosoferen met Kinderen (P4C) heeft een bescheiden effect op de cognitieve vaardigheden buiten de context van het filosoferen. Er zijn meer effecten op lezen, rekenen en meer basale vormen van redeneren dan op hogere denkvaardigheden, al is daar ook enig bewijs voor. Negatieve cognitieve effecten worden nooit gevonden. Hoewel P4C is bedoeld voor basisschoolleerlingen en filosoferen iets anders is dan het vak filosofie volgen in het voortgezet onderwijs, zijn deze resultaten toch relevant.

    Lees meer