Dit antwoord is geschreven voor 2020. Benieuwd naar de nieuwste inzichten? Stel de vraag opnieuw via Stel je vraag.
De Shuttle Run test, ook wel piepjestest genoemd, wordt veel ingezet in het bewegingsonderwijs. Tijdens deze test rennen leerlingen zo vaak als ze kunnen heen en weer tussen twee lijnen die 20 meter uit elkaar liggen. De tijd die leerlingen daarvoor krijgen wordt steeds korter. Hierdoor moeten ze steeds sneller rennen om op tijd aan de overkant te zijn. De test stopt wanneer een leerling niet op tijd is, of wanneer deze zelf aangeeft niet meer verder te kunnen.
Leerkrachten zetten de test met name in om de lichamelijke conditie van leerlingen in kaart te brengen en te verbeteren. Ze willen leerlingen ook motiveren voor fysieke activiteit of kennis. Bovendien willen ze dat leerlingen vaardigheden ontwikkelen die belangrijk zijn voor een gezonde levensstijl.
Effecten
De Shuttle Run test wordt voornamelijk ingezet om de fitheid van deelnemers te bepalen. Jongens scoren over het algemeen beter dan meisjes. Daarnaast wordt de test veel gebruikt om te meten of interventieprogramma’s leiden tot een verbeterde fitheid. De Shuttle Run test is namelijk een goed meetinstrument om veranderingen in fitheid in kaart te brengen.
Er is echter weinig onderzoek gedaan naar de effecten van de Shuttle Run test zelf op fitheid van deelnemers. Toch wordt over het algemeen geloofd dat fitheidstesten positieve effecten kunnen hebben op motivatie en fitheid. Daarvoor zouden ze moeten worden ingebed in het lesprogramma en geen op zichzelf staand onderdeel van het bewegingsonderwijs moeten zijn. Hoe deze inbedding ingevuld moet worden, en welke effecten dit vervolgens heeft, is echter niet onderzocht. Verschillende artikelen geven praktische suggesties voor leraren, maar deze zijn niet gebaseerd op empirisch onderzoek.
Factoren die prestatie beïnvloeden
Hoe goed leerlingen presteren op de Shuttle Run test hangt van diverse factoren af. Leerlingen met overgewicht scoren gemiddeld lager op de Shuttle Run test dan leerlingen met een gezond gewicht. Daarnaast scoren leerlingen die minder vertrouwen hebben in hun eigen fysieke vaardigheden slechter op de test. Leerlingen met overgewicht én een laag vertrouwen in eigen kunnen halen de laagste scores.
Ook externe factoren kunnen prestaties op de Shuttle Run beïnvloeden. Zo doen leerlingen het beter op de test met muziek. Hierbij speelt motivatie een belangrijke rol. Met muziek ervaren leerlingen meer plezier en hebben ze het gevoel dat ze meer inzet tonen.
De rol van motivatie
De motivatie van leerlingen voor de Shuttle Run test is afhankelijk van doelen die zij hebben voor de gymles. Er is een onderscheid tussen doelen die gericht zijn op het verbeteren van eigen prestaties (een taak-doeloriëntatie) en doelen gericht op het beter zijn dan anderen (een ego-doeloriëntatie).Voor leerlingen die minder goed presteren op de Shuttle Run heeft het hebben van een taak-doeloriëntatie de meest positieve effecten. Met deze instelling tonen ze namelijk meer inzet, voelen ze zich competenter en hebben ze meer plezier tijdens de test. Een taak-doeloriëntatie kan ook voor goed presterende leerlingen positieve effecten hebben op inzet en plezier, maar alleen als ze hun prestatie op de test als succesvol ervaren.
De motivatie die leerlingen hebben voor de Shuttle Run test blijkt beïnvloedbaar. Leraren kunnen leerlingen aanmoedigen de focus te leggen op het verbeteren van hun eigen fitheid en vaardigheden (het proces) in plaats van op de prestatie (het product). Leerlingen krijgen hierdoor een beter gevoel over hun eigen competenties, nemen met meer plezier deel aan de test, en doen beter hun best.
Het inzetten van de Shuttle Run test lijkt dus positieve effecten teweeg te kunnen brengen op de motivatie van leerlingen. De manier waarop de test wordt gebruikt lijkt daarbij van wezenlijk belang.
Meer weten?
Lees het volledige rapport opgesteld als antwoord op deze vraag, inclusief geraadpleegde bronnen.
Dit antwoord is tot stand gekomen met dank aan Anne de Bruijn (antwoordspecialist) en Melissa van Amerongen (Kennismakelaar Kennisrotonde).