Lean-denken is veelbelovend voor het onderwijs, blijkt uit verkennend onderzoek naar lean in het voortgezet en hoger onderwijs. Een ‘vertaalslag’ is wel nodig. Effectonderzoek is echter (nog) niet beschikbaar. Al ontbreekt onderzoek binnen het primair onderwijs, volgens experts/ervaringsdeskundigen zou het lean-gedachtegoed ook voor dit onderwijs geschikt zijn. Zij stellen dat door de manier waarop ons basisonderwijs is ingericht, lean-principes zich goed kunnen lenen om het eigenaarschap bij leerlingen te vergroten.
Voor (beginnende) leraren zijn begeleide video-analyse en synchroon coachen met een oortje effectieve manieren om klassenmanagement, didactiek en de pedagogische relatie met leerlingen te ontwikkelen. Hoewel er geen onderzoek naar is gedaan, is het plausibel dat deze werkwijze ook voor beginnende leraren met Asperger effectief kunnen zijn. Het inzetten van strips en films kan personen met Asperger helpen om de gedachtewereld van anderen te herkennen en te begrijpen. Vervolgens leren ze hun eigen gedrag af te stemmen op dat van anderen.
Geactualiseerd: 26 augustus 2023
Door zelf een onderzoekende houding aan te nemen en door onderzoeksvaardigheden bij leerlingen te stimuleren, kunnen docenten de nieuwsgierigheid van leerlingen bevorderen. Concreet kunnen docenten werken met opdrachten die de nieuwsgierigheid van leerlingen opwekken, zoals concept cartoons, en leerlingen aanmoedigen om kritisch te zijn op het eigen werk en het werk van andere leerlingen.
Geactualiseerd: september 2021
Het werken vanuit leerlijnen en leerdoelen kan onder bepaalde voorwaarden het eigenaarschap bij leerlingen versterken. Belangrijk is om samen met de leerlingen groeidoelen te formuleren, om passende instructiestrategieën te hanteren, en om leerlingen procesgerichte feedback te geven. Vaak is hiertoe op scholen een professionaliserings- en cultuuromslag nodig.
In de groepen 4-8 op de basisschool versterken woordenschatontwikkeling en begrijpend lezen elkaar. Bevorderen van leesvaardigheid en investeren in begrijpend lezen verhogen het woordenschatniveau bij leerlingen. Dat geldt eveneens voor het geven van hints om betekenissen van nieuwe woorden in teksten af te leiden.
Verschillende vormen van linguïstisch bewustzijn blijken al op jonge leeftijd voorspellend voor latere leesvaardigheid van kinderen. Tijdig aandacht geven aan het aanleren van letters en oefenen met klankbewustzijn is dan ook erg belangrijk.
Het schoolplein verdelen in zones en het eerlijker verdelen van hotspots hebben een positief effect op de activiteiten van leerlingen tijdens de pauzes. Vooral jonge kinderen, meisjes en kinderen die op een ongestructureerd schoolplein weinig actief zijn, kunnen dan beter uit de voeten.
Expliciete en systematische instructie in auditieve analyse en synthese ondersteunt het leren lezen, vooral wanneer het gecombineerd wordt met het oefenen van letter-klankkoppelingen. Zo kan een kind al op jonge leeftijd fonemisch bewustzijn ontwikkelen. Instructie op dat gebied is het effectiefst in de kleuterleeftijd, als voorbereiding op het formele leesonderwijs.
Geactualiseerd: augustus 2024
Er is geen bewijs dat overgangsnormen strikt toepassen een positieve invloed heeft op de schoolloopbaan van leerlingen in de bovenbouw van het voortgezet onderwijs.
Een aanzienlijk deel van de hoogbegaafde leerlingen presteert lager dan verwacht mag worden op basis van de intelligentie. Schattingen variëren van 15% tot 50%, afhankelijk van de definitie van onderpresteren. Onderpresteren bij hoogbegaafde leerlingen is al waarneembaar vanaf groep 2. In de hogere groepen neemt het onderpresteren toe. Om het onderwijs af te stemmen op hoogbegaafden is vroegtijdige onderkenning belangrijk. Naast organisatorische en inhoudelijke afstemming van het onderwijs is individuele begeleiding (mentoring) gewenst.