Antwoorden op onderwijsvragen

De Kennisrotonde beantwoordt onderwijsvragen op basis van kennis uit onderzoek. De antwoorden helpen jou om wetenschappelijk onderbouwde keuzes te maken in de praktijk. Heb je niet gevonden waar je naar op zoek bent? Stel dan zelf jouw onderwijsvraag!

870 resultaten

    Zelfregulatie vindt plaats als leerlingen leerstrategieën inzetten om een taak voor te bereiden, uit te voeren en erop te reflecteren. Docenten in het voortgezet onderwijs kunnen zelfregulatie stimuleren door instructie te geven over leerstrategieën, leerlingen veel te laten oefenen en door feedback te geven. Bij leesbegrip spelen ook leesstrategieën een rol. Gecombineerde instructie in leer- en leesstrategieën zorgt voor beter leesbegrip in het primair onderwijs. In het voortgezet onderwijs is hier nog weinig onderzoek naar gedaan.

    Lees meer

    Fouten maken hoort bij het leren van een tweede taal. Maar sommige fouten duiden op een onderliggende leerstoornis, zoals dyslexie. Bij volwassen NT2-leerders zijn problemen met het fonologisch bewustzijn een mogelijke indicatie van dyslexie. Ook andere factoren kunnen meespelen bij lees-en spelfouten, zoals laaggeletterdheid in de eerste taal, een beperkte Nederlandse woordenschat en klankverschillen tussen de eerste en tweede taal.

    Lees meer

    De getallenlijn is een kansrijk hulpmiddel om leerlingen te stimuleren de verschillende strategieën voor optellen en aftrekken tot honderd flexibel te gebruiken. Het helpt leerlingen om de stappen binnen de rekenstrategieën beter te visualiseren en de relaties tussen getallen inzichtelijk te maken. De effectiviteit van de getallenlijn hangt sterk af van de didactisch inzet.

    Lees meer

    Met duidelijke regels en routines, en door positief gedrag te bekrachtigen kun je storende gedragingen deels voorkomen. Wanneer een leerling toch storend gedrag vertoont, kun je het gedrag het beste zo klein en passend mogelijk corrigeren. Dit heeft de voorkeur boven klassikaal ingrijpen en grote consequenties aan storend gedrag hangen. Een positieve leraar-leerlingrelatie ondersteunt preventieve en corrigerende maatregelen.

    Lees meer

    Leraren die zelf lezen in hun vrije tijd, zijn actievere leesbevorderaars. Ze praten meer over boeken, kunnen hun leerlingen beter adviseren en zijn een positief rolmodel. Hun leerlingen hebben meer plezier in lezen en lezen ook vaker. Leraren ervaren interventies met het doel het leesplezier en de gewoonte om te lezen te bevorderen als zinvol.

    Lees meer

    Administratieve barrières wegnemen, de beschikbaarheid verbeteren, de ouderbijdrage substantieel verlagen en het vertrouwen vergroten, kunnen de deelname aan voorschoolse educatie bevorderen. Gezien de diversiteit aan redenen om niet deel te nemen, lijkt het effectief om verschillende maatregelen – gericht op de vraagkant en de aanbodkant – tegelijkertijd in te zetten.

    Lees meer

    Leerlingen die extra aandacht nodig hebben, moeten in de eerste plaats worden begeleid door de leraar. Ondersteunend personeel kan het werk van de leraar intussen aanvullen, maar niet vervangen. Zij kunnen leerlingen begeleiden met bewezen effectieve interventies. Een duidelijke rolverdeling tussen leraar en ondersteuner bevordert het succes.

    Lees meer

    Een verhaal vertellen is taalkundig en cognitief complex. Kinderen met een taalontwikkelingsstoornis kunnen achterlopen op verschillende aspecten van vertelvaardigheid. Er zijn aanwijzingen dat het helpt als de leerkracht het goede voorbeeld geeft (modelleren), kinderen laat oefenen en hun visuele ondersteuning geeft. Hoe vaak en hoe lang leerlingen moeten oefenen, weten we niet precies.

    Lees meer

    Content and Language Integrated Learning (CLIL) verwijst naar aanpakken waarin vakinhoud én een vreemde taal leren centraal staan, zoals in tweetalig onderwijs. CLIL kan de woordenschat in een vreemde taal verbeteren, maar we weten niet of het ook effectief kan worden ingezet als leerlingen in één taal les krijgen. CLIL heeft overeenkomsten met aanpakken die taal en vakinhoud integreren binnen een eentalige benadering, zoals taalgericht vakonderwijs. De principes van CLIL geven daarom aanknopingspunten voor docenten om in eentalige benaderingen de Nederlandse (vak)taal te onderwijzen.

    Lees meer

    Het is niet bekend of aandacht voor de schrijfwijze van cijfers in groep 1-2 bijdraagt aan de schrijfvaardigheid van cijfers in groep 3. Met name de coördinatie van de fijne motorische bewegingen en de visueel-motorische integratie zijn belangrijke voorwaarden om cijfersymbolen correct te kunnen schrijven. Methoden om de fijne motoriek te verbeteren dragen het meeste bij aan voorbereidend schrijven als deze taakspecifiek zijn.

    Lees meer