Welke invloed heeft het geven van theorielessen in een buitenlokaal op de leerprestaties en motivatie van vmbo leerlingen?

Buiten leren zou positieve effecten hebben op de motivatie en het leren. Maar naar het effect van formeel leren (theorielessen) in buitenlokalen is geen recent wetenschappelijk onderzoek gedaan. Uit onderzoek naar klaslokalen weten we wel dat zuurstof, daglicht en een niet te hoge of lage temperatuur belangrijke omgevingsfactoren zijn die een impact hebben op de cognitieve prestaties.

Gepubliceerd:

Dit antwoord is geschreven voor 2020. Benieuwd naar de nieuwste inzichten? Stel de vraag opnieuw via Stel je vraag. 

Over leren in de buitenlucht is wel het een en ander bekend. Er zijn aanwijzingen dat buiten leren positieve invloed heeft op het leren. Voordelen van buiten leren zijn:

  • Verblijf in de natuur is goed voor ontspanning, het zou de hersenen ‘resetten’. Natuurlijke omgevingen zouden ook het speelse leren van kinderen stimuleren.
  • Buitenlessen zijn goed omdat je buiten meer beweegt. Er is een sterke relatie tussen mentale en fysieke gezondheid.
  • Formeel onderwijs afwisselen met informeel onderzoek kan goed zijn voor de cognitieve ontwikkeling. Buitenlessen ‘in de praktijk’ kunnen een betekenisvolle aanvulling zijn op lessen binnen. Een voorbeeld: theorielessen over bevers aanvullen met veldwerklessen in de natuur naar echte beverdammen.

Theorielessen in buitenlokalen hebben veel van deze voordelen echter niet. Als buitenlessen te veel lijken op formele, klassikale lessen, zijn de voordelen veel kleiner. Dit suggereert dat de hierboven genoemde voordelen van buitenlessen beter tot hun recht komen in aanvullende, speciale lesprogramma’s, met informele, betekenisvolle praktijk- of veldwerklessen.

Klaslokalen

Een heel ander soort reden om een buitenlokaal in te richten, is om te zorgen voor een beter fysisch leerklimaat. Denk aan: meer licht, meer frisse lucht, meer ruimte. Onderzoek naar klaslokalen laat zien welke kenmerken op dit gebied effectief zijn. Het percentage tussen haakjes geeft aan hoe belangrijk deze factor is ten opzichte van het totaal van alle factoren.

1. Licht (21 procent): voldoende daglicht, maar niet te veel direct licht of tegenlicht. Ook de kwaliteit en kwantiteit van elektrisch licht maakt uit.

2. Goede, regelbare temperatuur: geen directe zonnewarmte, controle over de temperatuur (12 procent). Te hoge temperaturen gaan gepaard met lager presteren. Verlagen van de temperatuur van 25 naar 20 graden verbetert de leerprestaties.

3. Goede luchtkwaliteit (16 procent): lokalen met mechanische ventilatie of waar ramen goed open kunnen, zijn beter. Voldoende zuurstof is belangrijk voor het cognitief presteren.

Wat betekenen deze resultaten voor buitenlokalen? Buitenlokalen hebben voldoende daglicht, alhoewel tegenlicht een aandachtspunt is. De temperatuur valt moeilijk te regelen in een buitenlokaal. Dat zou kunnen betekenen dat je het buitenlokaal alleen gebruikt als de temperatuur zo tussen 18 en 22 graden is. De lucht buiten bevat meer zuurstof dan binnen, maar de luchtkwaliteit hangt af van de omgeving (bijvoorbeeld in de buurt van een snelweg of industrie is die minder goed). Geluidsoverlast door omgevingsgeluid kan bij buitenlokalen ook een aandachtspunt zijn. 

Meer weten? 

Lees het volledige rapport opgesteld als antwoord op deze vraag, inclusief geraadpleegde bronnen.

Dit antwoord is tot stand gekomen met dank aan Melissa van Amerongen (Kennismakelaar Kennisrotonde).

 


Ga je het antwoord gebruiken in het onderwijs?
Wat vind je van de leesbaarheid van het antwoord?

Privacyverklaring

Wij gaan zorgvuldig om met persoonsgegevens. Lees hierover meer in onze privacyverklaring.

Gerelateerde vragen

    Buitenlandse studies leveren aanwijzingen dat buitenonderwijs bijdraagt aan meer kennis over de natuur, en betere sociale relaties en sociale competenties van leerlingen. Mogelijk stimuleert het ook de leermotivatie en interesse in natuur of wetenschap op latere leeftijd. Naar de effecten van buitenlessen voor het vak natuuronderwijs op de ontwikkeling van basisschoolleerlingen is in Nederland geen onderzoek gedaan. 

    Lees meer

    Geactualiseerd: 2 februari 2023

    Beweging en sport hebben niet alleen positieve effecten op de gezondheid van kinderen, maar ook op het leren. Er zijn kleine effecten aangetoond op concentratie en leeropbrengsten. Daarbij lijkt het weinig uit te maken of beweging en leren echt zijn geïntegreerd, zoals bij ‘bewegend leren’, of dat het losstaat van de leeractiviteit, zoals bij energizers. De positieve invloed van beweging op schoolprestaties verloopt vermoedelijk via effecten op de hersenstructuur, executieve functies, aandacht en concentratie.

    Lees meer

    Ja, wetenschappelijk is aangetoond dat de inrichting van de klas ertoe doet. De inrichting blijkt een aanzienlijke invloed te hebben op de prestaties voor rekenen, leesvaardigheid, schrijfvaardigheid en helpt om de creativiteit van kinderen te stimuleren. Om verschillende vormen van leren te bevorderen zou de klasinrichting flexibel moeten zijn. Klassen die bestaan uit diverse helder afgebakende activiteitenhoeken dragen bij tot een krachtigere leeromgeving en tot hogere leerwinst.

    Lees meer