Voelen hoogbegaafde kinderen zich beter in een klas met andere hoogbegaafde kinderen of juist in een heterogene klas?

Hoogbegaafde leerlingen kunnen zich zowel in een heterogene als homogene klas prettig voelen. Voordeel van een klas met andere hoogbegaafden is dat zij onderwijs krijgen dat beter past bij hun leerbehoeften. Het effect op het welbevinden hangt echter ook af van (onder andere) kenmerken van het kind en de lesstijl van de leraar. Het is dan ook belangrijk om individueel af te wegen in welke soort klas het kind zich het best voelt.

Gepubliceerd:

hoogbegaafde

Welbevinden, de mate waarin leerlingen zich lichamelijk, mentaal en sociaal goed voelen, is een belangrijke voorwaarde om te kunnen leren. Bij welke klasindeling hoogbegaafden zich het prettigst voelen hangt van verschillende factoren af.

Voor- en nadelen van een heterogene klas

Kinderen die hoogbegaafd zijn, kunnen op sociaal-emotioneel gebied baat hebben bij een heterogene klas (met kinderen van verschillende niveaus). In die setting hebben zij vaak een hoger zelfbeeld, kunnen ze met veel verschillende kinderen omgaan en anderen helpen. Meestal worden ze sociaal geaccepteerd en zijn ze populair bij klasgenoten. Ze lopen ook niet meer risico dan andere kinderen om gepest te worden. 

Nadelen kunnen zijn dat sommigen de drukte en hoeveelheid kinderen belastend vinden. Soms biedt een heterogene klas cognitief onvoldoende uitdaging, wat demotivatie in de hand werkt. Ook kunnen leerlingen zich niet begrepen of gewaardeerd voelen, of een slechte relatie met de leraar hebben. Dat kan ertoe leiden dat zij gefrustreerd of depressief worden, gaan onderpresteren, of zelfs uitvallen uit het reguliere onderwijs.

Voor- en nadelen van een homogene klas

Positieve effecten van homogene klassen (met leerlingen van hetzelfde niveau) zijn dat  de motivatie van leerlingen voor school kan verbeteren en dat ze kunnen groeien in zelfbewustzijn en zelfacceptatie. Ze voelen zich bijvoorbeeld meer geaccepteerd en hebben vaak een betere relatie met de leraar. Over het algemeen ervaren deze leerlingen een homogene klas als een veilige plek waar ze zichzelf kunnen zijn, hun mening kunnen uiten en niet gepest worden.

Verder kunnen cognitief uitdagende lessen hun veel plezier geven. Zij vinden het leuk om uitgedaagd te worden en dieper op de stof in te kunnen gaan. Ook vinden ze het fijn om met andere hoogbegaafde kinderen samen te werken.

Nadelen van een homogene klas zijn dat hoogbegaafde leerlingen een verhoogd gevoel van competitie en een verminderd zelfbeeld kunnen ontwikkelen, aangezien ze niet langer de beste of slimste zijn van de groep. Dit effect lijkt het meest op te treden bij fulltime homogene klassen.

Individuele verschillen afwegen

Hoogbegaafde leerlingen lijken zowel de contacten met gelijken in een homogene klas als het contact met normaal begaafde kinderen in een heterogene klas te waarderen. Het hangt echter van het kind af welke onderwijsvorm het beste past. Voor sommigen kunnen hoge verwachtingen en competitie motiverend werken. Voor anderen, meestal meisjes, geeft dat juist meer stress of minder zelfvertrouwen. Vooral kinderen die wat angstiger zijn en een voorkeur hebben voor samenwerken kunnen daar last van hebben. Gezien de sensitieve en perfectionistische aard van hoogbegaafde kinderen is het belangrijk hier rekening mee te houden.

Onderwijs goed laten aansluiten

Daarnaast is het belangrijk het onderwijs in een homogene klas goed aan te laten sluiten bij het kind. Zo kan de lesstijl van de leraar (bijvoorbeeld weinig structuur bieden) een negatieve invloed hebben op de beleving en leerprestaties.
In een heterogene klas is het belangrijk om veel te differentiëren, flexibele leerwegen aan te bieden en leraren te trainen om met deze doelgroep te werken. Sowieso is het belangrijk dat er op school een veilig leerklimaat heerst en er positief wordt gekeken naar talentontwikkeling en hoge prestaties.

Dit antwoord is tot stand gekomen met dank aan Else Beckmann (antwoordspecialist) en Melissa van Amerongen (kennismakelaar). Zij hebben hiertoe Ton Mooij (onderwijskundig onderzoeker hoogbegaafdheid) geconsulteerd.


Ga je het antwoord gebruiken in het onderwijs?
Wat vind je van de leesbaarheid van het antwoord?

Privacyverklaring

Wij gaan zorgvuldig om met persoonsgegevens. Lees hierover meer in onze privacyverklaring.

Gerelateerde vragen

    Leerkrachten kunnen rapportcijfers, intelligentietests, observaties en gesprekken met betrokkenen gebruiken om vast te stellen welke leerlingen in aanmerking komen voor versnellen of verrijken. Het is daarbij belangrijk om meerdere van deze informatiebronnen te gebruiken. Dan krijgen zoveel mogelijk leerlingen de kans om te mogen versnellen en verrijken, en worden er geen leerlingen over het hoofd gezien.

    Lees meer

    Om onderpresteren, gebrek aan motivatie of probleemgedrag te voorkomen moeten leerlingen met begaafdheidskenmerken al van jongs af aan een passend onderwijsaanbod krijgen. Lesmethodes en werkvormen die compacten en verrijken hebben een positief effect op motivatie, welbevinden en gedrag. Als dit onvoldoende werkt, kan versnelling uitkomst bieden of het organiseren van onderwijs in plusklassen. Daarnaast zijn er specifieke aanpakken voor het stimuleren van executieve functies en sociaal-emotionele vaardigheden.

    Lees meer

    Een aanzienlijk deel van de hoogbegaafde leerlingen presteert lager dan verwacht mag worden op basis van de intelligentie. Schattingen variëren van 15% tot 50%, afhankelijk van de definitie van onderpresteren. Onderpresteren bij hoogbegaafde leerlingen is al waarneembaar vanaf groep 2. In de hogere groepen neemt het onderpresteren toe. Om het onderwijs af te stemmen op hoogbegaafden is vroegtijdige onderkenning belangrijk. Naast organisatorische en inhoudelijke afstemming van het onderwijs is individuele begeleiding (mentoring) gewenst.

    Lees meer

    Geactualiseerd: 28 juni 2024

    Aparte activiteiten voor hoogbegaafde leerlingen hebben meestal een positief effect op hun prestaties. Niet voor alle domeinen en vakken leiden aanpassingen echter tot een verbetering. Goed onderwijs voor hoogbegaafde leerlingen, en eigenlijk voor alle leerlingen, vraagt naast een focus op cognitieve prestaties ook om de juiste begeleiding en leraren met expertise op dit terrein. De benodigde begeleiding hangt af van de beginsituatie van de leerling. Onderwijs aan hoogbegaafde leerlingen begint idealiter met het in kaart brengen van de cognitieve, sociaal-emotionele, en ontwikkel- en leervaardigheden. Als het onderwijs qua inhoud, organisatie en pedagogisch-didactische begeleiding hierbij aansluit, zijn (hoogbegaafde) leerlingen het best geholpen.

    Lees meer