Samenwerkend leren kan succesvol zijn. Voorwaarden zijn wederzijdse afhankelijkheid, individuele verantwoordelijkheid en stimulerende interactie. Werken in groepen heeft positieve effecten op leerresultaten en motivatie, mits de niveauverschillen niet te groot zijn. Sterk heterogene groepen bieden wel voordelen voor de zwakkere leerlingen, maar zijn niet motiverend voor de sterkere leerlingen. Bovendien kost coördinatie en afstemming in dergelijke groepen veel tijd. Samenwerking door leerlingen van verschillende jaarlagen is daarom niet zonder meer aan te bevelen. Als ervoor gekozen wordt, is een duidelijke rolverdeling tussen groepsleden raadzaam.
Gepubliceerd:
Gerelateerde vragen
Samenwerking bevordert de prestaties bij het leren van een nieuwe taal. Het draagt bij aan betere leerprestaties op taal in het algemeen, en op afzonderlijke onderdelen als lezen, woordenschat, grammatica, schrijfvaardigheid en spreekvaardigheid. Leerlingen die samenwerken hebben directe mogelijkheden om te oefenen met communiceren en kennis uit te bereiden. Ook is er een indirect effect op vertrouwen en motivatie door het groepsgevoel.
Verschillende arbeidsmarktsectoren hechten steeds meer belang aan interdisciplinair samenwerken. Opleidingen in het beroepsonderwijs lijken daar gericht aan te kunnen bijdragen, maar bewijzen voor positieve effecten ontbreken. Interdisciplinair opleiden vraagt een specifieke en weloverwogen inrichting van het onderwijs, wat weer de nodige eisen stelt aan docenten en management.
Geactualiseerd: september 2020
Groeperen op leerprestaties heeft positieve effecten, vergeleken met instructie geven aan de hele klas. Homogeen groeperen heeft gemiddeld positievere effecten dan heterogeen groeperen. De effecten van homogeen groeperen zijn daarbij sterker voor taal dan van voor rekenen. Vooral gemiddelde en beter presterende leerlingen hebben baat bij homogeen groeperen. Voor zwakker presterende leerlingen lijkt heterogeen groeperen effectiever.