Antwoorden op onderwijsvragen

De Kennisrotonde beantwoordt onderwijsvragen op basis van kennis uit onderzoek. De antwoorden helpen jou om wetenschappelijk onderbouwde keuzes te maken in de praktijk. Heb je niet gevonden waar je naar op zoek bent? Stel dan zelf jouw onderwijsvraag!

870 resultaten

    Tussen het startmoment van Engels onderwijs en de Engelse taalvaardigheid van leerlingen aan het eind van het basisonderwijs bestaat geen samenhang. Als er al positieve effecten zijn van vroeg beginnen, dan lijken die op de lange termijn te verdwijnen. Meer dan het startmoment speelt het onderwijsaanbod op school en de thuisomgeving een rol in de Engelse taalvaardigheid van leerlingen.

    Lees meer

    Leerlingen zijn vanaf groep 4 in staat om hun spelling zelf na te kijken. Ze moeten hierbij wel structurele ondersteuning krijgen van bijvoorbeeld nakijkbladen of rubrics. Met name werken met rubrics zet aan tot actieve reflectie op de eigen spelling en spellingregels. Dit draagt bij aan een groter spellingbewustzijn en diepere verwerking van de regels, wat weer een positief effect heeft op de spellingvaardigheid van leerlingen. Om spellingvaardigheden op de langere termijn te verbeteren is een korte interventie niet altijd genoeg en lijkt ook structurelere aandacht voor spelling nodig.

    Lees meer

    Opbrengstgericht werken heeft overwegend positieve effecten op leeropbrengsten bij rekenen, taal en lezen. Het is niet bekend of dat ook geldt voor burgerschapskennis en -vaardigheden van leerlingen. Dat komt doordat er geen effectonderzoek beschikbaar is, en ook omdat OGW bij burgerschapsonderwijs nog in de kinderschoenen staat. Enkele specifieke kenmerken van burgerschap maken het lastiger om daar opbrengstgericht te werken dan in andere domeinen.

    Lees meer

    Er is nauwelijks onderzoek bekend naar de relatie tussen rijmvaardigheid en de spreek-, luister- of schrijfontwikkeling. Alleen wat betreft de (latere) leesontwikkeling is er in verschillende talen een relatie aangetoond met rijmen. Meer dan rijmen blijkt het fonemisch bewustzijn – het besef dat woorden zijn opgebouwd uit afzonderlijke klanken die corresponderen met lettertekens – samen te hangen met de leesontwikkeling.

    Lees meer

    Hoe meer boeken kinderen lezen, hoe leesvaardiger ze zijn. Maar of het uitmaakt of je ze voorleest of zelfstandig laat lezen, is niet duidelijk. Het meeste onderzoek naar voorlezen gaat over kinderen die zelf nog niet kunnen lezen. Het weinige onderzoek naar oudere kinderen duidt erop dat voorlezen en vrij lezen allebei goed kunnen zijn voor de woordenschatontwikkeling en/of de leesvaardigheid. Welk type leesbevordering voor wie het beste werkt, daarover vallen nog geen duidelijke conclusies te trekken.

    Lees meer

    Er is vrijwel geen onderzoek bekend naar de voor- en nadelen voor ouders, leerlingen en professionals als twee scholen in hetzelfde gebouw terechtkomen. Of en in welke mate een samenwerking tussen de scholen tot stand komt, hangt af van de schoolidentiteit, schoolgrootte en de wensen van ouders. Ouders hebben er vaak moeite mee als scholen gaan samenwerken. Daarnaast kunnen praktische problemen opspelen, bijvoorbeeld bij de gezamenlijke financiering van middelen en personeel.

    Lees meer

    Of kinderen die leren lezen in hun eerste taal baat hebben bij klankgebaren, kunnen we niet met zekerheid zeggen. Daar is nog te weinig onderzoek naar gedaan. Wel zijn er uit studies bij tweedetaalleerders aanwijzingen dat klankgebaren kunnen helpen om een taal te leren. Mogelijk komt dit doordat je informatie over het algemeen beter onthoudt als je die op twee manieren aangeboden krijgt, bijvoorbeeld auditief (klank) en visueel (gebaar). Het is wel belangrijk dat de klankgebaren passen bij de klanken. Ook moeten de gebaren niet te complex zijn, vooral niet voor lastige klanken.

    Lees meer

    Kenmerken als steun, aanmoediging, duidelijke communicatie en waardering door schoolleiders hangen positief samen met het behoud van leraren. Leraren die de schoolleider competent, betrokken en betrouwbaar vinden, geven vaker aan dat ze op de school willen blijven werken. Maar dat is geen garantie dat dat ook echt gebeurt – andere factoren spelen waarschijnlijk een grotere rol. Wel blijkt dat (zeer) sterke onvrede over de schoolleider vaak een voorbode is van vertrek van leraren.

    Lees meer

    Aardrijkskunde vraagt om inzicht in ruimtelijke vraagstukken. Ruimtelijk denken komt al op jonge leeftijd tot ontwikkeling. Daarmee ligt er een basis om aardrijkskunde te leren. Uit het weinige onderzoek naar de effecten van aardrijkskundeonderwijs aan kleuters, blijkt dat kleuters onder meer kunnen leren over namen van landen en planeten, en verschillen tussen dag en nacht. Ook kunnen zij geofysische entiteiten zoals rivieren en eilanden leren herkennen en een plattegrond leren begrijpen en gebruiken.

    Lees meer

    Vrij lezen kan bijdragen aan de leesvaardigheid en het leesplezier van basisschoolleerlingen. Hoeveel het oplevert, hangt af van hoe leerkrachten vrij lezen inzetten en hoe zij leerlingen daarbij ondersteunen. Of een schoolbrede inzet van vrij lezen effectief is, weten we niet precies. De meeste studies kijken namelijk alleen naar vrij lezen in de klas. Wel zijn er aanwijzingen dat een gedeelde visie en een gezamenlijke aanpak door schoolleiders en leerkrachten belangrijk is voor een schoolbrede leescultuur, waarbij ook vrij lezen een plek krijgt. Zo’n leescultuur bevordert de leesvaardigheid en het leesplezier van leerlingen.

    Lees meer