Lees- en schrijfprocessen hebben vaste elementen, in alle talen. Van het omzetten van letters of tekens in klanken tot begrijpen van de inhoud. Van gesproken taal omzetten in geschreven taal tot spellingregels herkennen en toepassen. Hoe beter een leerling de taal spreekt, hoe beter de leesvaardigheid. Daarbij maakt het niet uit of een leerling hoog- of laagopgeleide ouders heeft.
Tegelijkertijd leren lezen en schrijven in twee talen kan prima
Leerlingen die thuis een andere taal spreken dan op school raken niet in de war bij het gelijktijdig leren lezen en schrijven in beide talen. Tweetalige leerlingen ontwikkelen spellings- en schrijfvaardigheden op een normale manier.
Tweetalige leerlingen lezen, schrijven en spellen soms beter dan hun eentalige leeftijdgenoten. Leerlingen kunnen leesvaardigheden die zij in de ene taal hebben geleerd, gebruiken bij het leren lezen in de andere taal. Dat geldt vooral voor talen die qua klank op elkaar lijken en een vergelijkbaar alfabet hebben. Ook kunnen leerlingen leesstrategieën in de ene taal benutten om beter te leren lezen in de andere taal. Voorwaarde is dan wel dat leerlingen de eerste taal goed beheersen.
Vroeg beginnen heeft voordelen
Op jonge leeftijd starten met het leren van meerdere talen levert voordelen op. Leerlingen die voor hun derde levensjaar tweetalig opgroeien, presteren beter op leesvaardigheid in beide talen dan leerlingen die na hun derde jaar met een tweede taal in aanraking komen. De woordenschat is daarbij essentieel. Meertalige leerlingen doorlopen dezelfde taalontwikkeling als eentalige leerlingen. Maar, leerlingen die later een tweede taal leren, hebben een kleinere woordenschat in de tweede taal. Daardoor blijft het niveau van begrijpend lezen wat achter.
Leesbevordering thuis en op school is gunstig
Lezen is belangrijk voor de taalontwikkeling en de woordenschat. Dat geldt voor eentalige leerlingen en gaat in nog sterkere mate op voor tweetalige leerlingen. Vooral bij een niet-dominante taal, is extra input nodig om ervoor te zorgen dat een leerling ook in die taal leesvaardigheid ontwikkelt. Voorlezen in de niet-dominante taal en rolmodellen in de sociale omgeving van het kind – mensen die met veel plezier boeken in de andere taal dan de schooltaal lezen – zijn belangrijk.
Als leerkrachten kennis hebben van processen rond leren lezen en schrijven in twee talen, kunnen zij tweetalige leerlingen beter ondersteunen. Zij kunnen leerlingen helpen om leesvaardigheden in de ene taal te benutten bij lezen en schrijven in de andere taal. Wanneer het om talen gaat met hetzelfde alfabet kunnen leerkrachten de leerlingen wijzen op overeenkomsten.
Leerkrachten hebben de mogelijkheid om tweetalige leerlingen met een kleine woordenschat in beide talen extra woordenschatonderwijs te geven. Ook kennis over onderdelen van een woord, ondersteunt leerlingen om de betekenis te achterhalen. Dat soort ondersteuning komt het begrijpend lezen ten goede.
Dit antwoord is tot stand gekomen met dank Karin Hoogeveen (kennismakelaar Kennisrotonde).