Welke criteria kunnen scholen het beste gebruiken om leerlingen aan het einde van de heterogene brugperiode te plaatsen in een schooltype waar zij de grootste kans hebben op het behalen van een passend diploma?

Het is niet duidelijk welke criteria scholen aan het einde van een heterogene brugperiode het beste kunnen gebruiken om leerlingen te plaatsen in het schooltype waar zij de grootste kans hebben op het behalen van een passend diploma. Onderzoek daarnaar ontbreekt. Toetsresultaten in het voortgezet onderwijs en het advies van de basisschool kunnen aanwijzingen geven, maar beide hebben beperkingen. Over andere criteria, zoals werkhouding en gedrag van leerlingen in de klas, is te weinig bekend.

Gepubliceerd:

© LightField Studios/ Shutterstock

In heterogene brugklassen zitten leerlingen van verschillende schooltypen (vmbo, havo, vwo) één tot drie schooljaren bij elkaar. Aan het einde van deze brugperiode vindt determinatie plaats: leerlingen stromen door naar een schooltype dat op dat moment het beste bij ze past  Peeters, W. (2023). Determineren: Inzichten en handvatten voor bewuste beslissingen.
. Het voordeel van een heterogene brugklas kan zijn dat leerlingen die wat meer tijd nodig hebben om zich te ontwikkelen, naar een schooltype kunnen doorstromen dat meer recht doet aan hun leerpotentie dan het advies van de basisschool  Driessen, G. (2005). De totstandkoming van de adviezen voortgezet onderwijs: Invloeden van thuis en school. Pedagogiek, 25(4), 279-298.
  De Winter-Koçak, S. & Reches, L. (2022). Gelijke kansen bij tussentijds opstromen in het voorgezet onderwijs? Een verkennend onderzoek naar beleid en praktijk van tussentijds opstromen. Kennisplatform Inclusief Samenleven.
. 

Het is onduidelijk welke criteria scholen het beste kunnen gebruiken bij hun advies aan het einde van de heterogene brugperiode. Daar is geen specifiek onderzoek naar gedaan. Ook weten we niet in hoeverre kenmerken van leerlingen, zoals werkhouding of gedrag in de klas, aanwijzingen geven voor toekomstig schoolsucces  Van Leest, A. (2024). On the Right Track? Unravelling the Determinants of Primary School Teachers’ Track Recommendations. Utrecht: Utrecht University. https://doi.org/10.33540/2474
  Van Rooijen, M., Korpershoek, H., Vugteveen, J., & Opdenakker, M. C. (2017). De overgang van het basis- naar het voortgezet onderwijs en de verdere schoolloopbaan. Pedagogische Studiën, 94(2), 110-134.
. Overigens spelen ook eigenschappen van de school en het onderwijs een rol bij schoolsucces, zoals begeleiding van een mentor en persoonlijke aandacht  De Winter-Koçak, S. & Reches, L. (2022). Gelijke kansen bij tussentijds opstromen in het voorgezet onderwijs? Een verkennend onderzoek naar beleid en praktijk van tussentijds opstromen. Kennisplatform Inclusief Samenleven.
.

Criteria die in het hele vo zijn onderzocht, dus niet specifiek bij de heterogene brugklas, zijn toetsresultaten in het vo en het advies van de basisschool. Beide bieden aanknopingspunten, maar kennen ook beperkingen.

Toetsresultaten geven aanwijzingen voor schoolsucces, maar hebben beperkingen 

Toetsresultaten geven doorgaans betrouwbare aanwijzingen voor toekomstig schoolsucces. Maar omdat deze per vak kunnen verschillen, kan het lastig zijn om voor een leerling één niveau te bepalen  OECD. (2020). PISA 2018 Results (Volume V): Effective Policies, Successful Schools. PISA, OECD Publishing: Paris. https://doi.org/10.1787/ca768d40-en
  Van Leest, A. (2024). On the Right Track? Unravelling the Determinants of Primary School Teachers’ Track Recommendations. Utrecht: Utrecht University. https://doi.org/10.33540/2474
. 

Daarnaast voorspellen toetsgegevens uit de derde klas havo of vwo niet altijd hoe leerlingen het in de bovenbouw zullen doen. De onderbouwtoetsen zijn vaak gestandaardiseerd en meten of leerlingen kennis kunnen reproduceren, terwijl zij in de bovenbouw vooral kennis moeten integreren en toepassen  Scheerens, J., & Exalto, R. (2017). “Teaching to/from the test”: Een verkennende studie naar het in lijn brengen van doelen, toetsen, curriculum en onderwijsaanbod. Oberon.
. Toetsresultaten geven dus vooral goede aanwijzingen voor toekomstig schoolsucces als de toets aansluit bij wat leerlingen in de hogere leerjaren moeten kennen en kunnen.

Basisschooladvies komt vaak overeen met schooltype in vierde klas, maar doet niet altijd recht aan potentie 

Bij ruim twee derde van leerlingen die de onderbouw van het vo doorliepen zonder te blijven zitten, komt het schooltype in de vierde klas overeen met het advies van de basisschool. Bij een derde wijkt het daar juist vanaf. Dat geldt voor alle leerlingen, dus niet specifiek voor heterogene brugklassen. Voor de meeste leerlingen sluit het basisschooladvies dus goed aan bij het schooltype waarop ze uiteindelijk terechtkomen. Tegelijkertijd is het denkbaar dat sommigen ook een uitdagender niveau hadden aangekund. Die kans hebben ze niet gekregen  Timmermans, A. C., Kuyper, H., & Van der Werf, M. P. C. G. (2013). Schooladviezen en onderwijsloopbanen: Voorkomen, risicofactoren en gevolgen van onder- en overadvisering. GION onderwijs/onderzoek, Universiteit Groningen.
.

Heterogene brugklassen zijn bedoeld om te voorkomen dat alleen het basisschooladvies bepaalt op welk schooltype een leerling terechtkomt. Daarom bevordert de Rijksoverheid heterogene brugklassen als middel om kansengelijkheid te bevorderen. Wanneer leerlingen eenmaal toegewezen zijn aan een bepaald schooltype in het voortgezet onderwijs, blijkt het namelijk moeilijk om te wisselen naar een hoger schooltype  Driessen, G. (2005). De totstandkoming van de adviezen voortgezet onderwijs: Invloeden van thuis en school. Pedagogiek, 25(4), 279-298.
  Van Rooijen, M., Korpershoek, H., Vugteveen, J., & Opdenakker, M. C. (2017). De overgang van het basis- naar het voortgezet onderwijs en de verdere schoolloopbaan. Pedagogische Studiën, 94(2), 110-134.
  De Winter-Koçak, S. & Reches, L. (2022). Gelijke kansen bij tussentijds opstromen in het voorgezet onderwijs? Een verkennend onderzoek naar beleid en praktijk van tussentijds opstromen. Kennisplatform Inclusief Samenleven.
. 

Kinderen krijgen in een heterogene brugklas meer kansen om te laten zien wat ze kunnen  Kennisrotonde. (2024). Wat zijn de gevolgen van de vroege selectie voor het voortgezet onderwijs voor het schoolsucces in het vo? (KR. 225).
. Dit pleit ervoor om bij het advies aan het einde van de heterogene brugperiode meer informatie te gebruiken dan alleen het oorspronkelijke oordeel van de basisschool. Daarbij staan scholen voor de keuze om kansrijk te adviseren, waarbij ze mogelijk wat meer afstroom in de jaren daarna accepteren, of om een ‘veilig’ advies te geven met het risico dat leerlingen op een minder uitdagend niveau zitten dan zij aankunnen.

Kennismakelaar: Karin Hoogeveen 

Antwoordspecialist: Elise Crompvoets 

Referentie: Kennisrotonde (2026). Welke criteria kunnen scholen het beste gebruiken om leerlingen aan het einde van de heterogene brugperiode te plaatsen in een schooltype waar zij de grootste kans hebben op het behalen van een passend diploma?

Geraadpleegde bronnen

Peeters, W. (2023). Determineren: Inzichten en handvatten voor bewuste beslissingen.
Driessen, G. (2005). De totstandkoming van de adviezen voortgezet onderwijs: Invloeden van thuis en school. Pedagogiek, 25(4), 279-298.
De Winter-Koçak, S. & Reches, L. (2022). Gelijke kansen bij tussentijds opstromen in het voorgezet onderwijs? Een verkennend onderzoek naar beleid en praktijk van tussentijds opstromen. Kennisplatform Inclusief Samenleven.
Van Leest, A. (2024). On the Right Track? Unravelling the Determinants of Primary School Teachers’ Track Recommendations. Utrecht: Utrecht University. https://doi.org/10.33540/2474
Van Rooijen, M., Korpershoek, H., Vugteveen, J., & Opdenakker, M. C. (2017). De overgang van het basis- naar het voortgezet onderwijs en de verdere schoolloopbaan. Pedagogische Studiën, 94(2), 110-134.
De Winter-Koçak, S. & Reches, L. (2022). Gelijke kansen bij tussentijds opstromen in het voorgezet onderwijs? Een verkennend onderzoek naar beleid en praktijk van tussentijds opstromen. Kennisplatform Inclusief Samenleven.
OECD. (2020). PISA 2018 Results (Volume V): Effective Policies, Successful Schools. PISA, OECD Publishing: Paris. https://doi.org/10.1787/ca768d40-en
Van Leest, A. (2024). On the Right Track? Unravelling the Determinants of Primary School Teachers’ Track Recommendations. Utrecht: Utrecht University. https://doi.org/10.33540/2474
Scheerens, J., & Exalto, R. (2017). “Teaching to/from the test”: Een verkennende studie naar het in lijn brengen van doelen, toetsen, curriculum en onderwijsaanbod. Oberon.
Timmermans, A. C., Kuyper, H., & Van der Werf, M. P. C. G. (2013). Schooladviezen en onderwijsloopbanen: Voorkomen, risicofactoren en gevolgen van onder- en overadvisering. GION onderwijs/onderzoek, Universiteit Groningen.
Driessen, G. (2005). De totstandkoming van de adviezen voortgezet onderwijs: Invloeden van thuis en school. Pedagogiek, 25(4), 279-298.
Van Rooijen, M., Korpershoek, H., Vugteveen, J., & Opdenakker, M. C. (2017). De overgang van het basis- naar het voortgezet onderwijs en de verdere schoolloopbaan. Pedagogische Studiën, 94(2), 110-134.
De Winter-Koçak, S. & Reches, L. (2022). Gelijke kansen bij tussentijds opstromen in het voorgezet onderwijs? Een verkennend onderzoek naar beleid en praktijk van tussentijds opstromen. Kennisplatform Inclusief Samenleven.
Kennisrotonde. (2024). Wat zijn de gevolgen van de vroege selectie voor het voortgezet onderwijs voor het schoolsucces in het vo? (KR. 225).

De Winter-Koçak, S. & Reches, L. (2022). Gelijke kansen bij tussentijds opstromen in het voorgezet onderwijs? Een verkennend onderzoek naar beleid en praktijk van tussentijds opstromen. Kennisplatform Inclusief Samenleven.

Driessen, G. (2005). De totstandkoming van de adviezen voortgezet onderwijs: Invloeden van thuis en school. Pedagogiek, 25(4), 279-298. 

Kennisrotonde. (2021). Zijn verschillen in (het niveau) van havo- en vwo-leerlingen terug te voeren op verschillen in de verhouding tussen reproductie van kennis, toepassing van kennis en inzicht? (KR. 1292). 

Kennisrotonde. (2024). Wat zijn de gevolgen van de vroege selectie voor het voortgezet onderwijs voor het schoolsucces in het vo? (KR. 225).

Peeters, W. (2023). Determineren: Inzichten en handvatten voor bewuste beslissingen. 

OECD. (2020). PISA 2018 Results (Volume V): Effective Policies, Successful Schools. PISA, OECD Publishing: Paris. https://doi.org/10.1787/ca768d40-en

Scheerens, J., & Exalto, R. (2017). “Teaching to/from the test”: Een verkennende studie naar het in lijn brengen van doelen, toetsen, curriculum en onderwijsaanbod. Oberon.

Timmermans, A. C., Kuyper, H., & Van der Werf, M. P. C. G. (2013). Schooladviezen en onderwijsloopbanen: Voorkomen, risicofactoren en gevolgen van onder- en overadvisering. GION onderwijs/onderzoek, Universiteit Groningen. 

Van Leest, A. (2024). On the Right Track? Unravelling the Determinants of Primary School Teachers’ Track Recommendations. Utrecht: Utrecht University. https://doi.org/10.33540/2474

Van Rooijen, M., Korpershoek, H., Vugteveen, J., & Opdenakker, M. C. (2017). De overgang van het basis- naar het voortgezet onderwijs en de verdere schoolloopbaan. Pedagogische Studiën, 94(2), 110-134.


Ga je het antwoord gebruiken in het onderwijs?
Wat vind je van de leesbaarheid van het antwoord?

Privacyverklaring

Wij gaan zorgvuldig om met persoonsgegevens. Lees hierover meer in onze privacyverklaring.

Gerelateerde vragen

    Geactualiseerd: oktober 2024

    Er is geen Nederlands onderzoek bekend naar factoren die succesvol opstromen in het voorgezet onderwijs kunnen voorspellen. Onderwijsmobiliteit is kenmerkend voor het Nederlandse onderwijsstelsel; onderwijssystemen in andere landen kennen de mogelijkheid tot opstromen niet. Er is dan ook geen relevant internationaal onderzoek beschikbaar.

    Lees meer

    Resultaten in het basisonderwijs van leerlingvolgsysteemtoetsen en de eindtoets, voorspellen wel redelijk goed de onderwijspositie in het vierde jaar van het voortgezet onderwijs. Maar over de voorspellende waarde van leerlingresultaten in de onderbouw van het voortgezet onderwijs is weinig bekend. Onderzoek daarnaar is niet eenvoudig uit te voeren. De leerlingresultaten worden namelijk niet gemeten met een landelijk genormeerd instrument, maar leraren bepalen de rapportcijfers.

    Lees meer

    Geactualiseerd: augustus 2024

    De onderwijsprestaties in landen die vroeg selecteren liggen niet hoger dan in landen die later selecteren. Wel blijkt de onderwijsongelijkheid groter te zijn bij vroege selectie: de spreiding van onderwijsprestaties is groter. Ook scoren leerlingen uit lagere sociale klassen minder goed en minder leerlingen halen het minimale onderwijsniveau.

    Lees meer