In het kort
Tijdens de coronapandemie zijn de kinderopvang en basisscholen meerdere keren tijdelijk gesloten. Na de lockdowns merkten ouders en leerkrachten dat sommige kinderen ander gedrag en een lager sociaal-emotioneel en cognitief ontwikkelingsniveau lieten zien. Leerkrachten maakten zich zorgen over het ontwikkelingsniveau van de executieve functies bij jonge kinderen.
Kinderen ontwikkelen executieve functies thuis en op school
Executieve functies zijn onder andere het werkgeheugen; dat zorgt ervoor dat je specifieke informatie in gedachten kunt houden en tegelijkertijd nieuwe informatie opnemen of negeren. Een andere executieve functie is de respons-inhibitie, of je je kunt aanpassen of automatische reacties kunt onderdrukken. Daarnaast ontwikkelen jonge kinderen functies als hun emotie-regulatie, flexibiliteit en concentratie.
Kinderen vormen hun executieve functies door fysieke veranderingen in de hersenen. Ze ontwikkelen ze ook door levenservaringen op te doen in relatie met anderen. Het gezin, de kinderopvang en school zijn belangrijke plekken waarin kinderen zich kunnen ontwikkelen.
Schoolsluiting van invloed op ontwikkeling executieve functies
Er is weinig specifiek onderzoek gedaan naar de effecten van de lockdowns op de ontwikkeling van executieve functies bij jonge kinderen. Enkele internationale studies geven wel aanwijzingen, maar ze laten ook een wisselend beeld zien. Zo bleken de executieve functies respons-inhibitie, werkgeheugen, flexibiliteit en zelfregulatie minder ontwikkeld bij kinderen die vanwege de coronapandemie niet naar school konden. Er werden geen verschillen gevonden op basis van sociaal-economische achtergrond.
Een ander onderzoek onderschrijft dit, maar hier was geen verschil te zien in de respons-inhibitie. Een onderzoek uit China laat zien dat de negatieve effecten op het werkgeheugen groter waren bij meisjes dan bij jongens. Een andere studie onder kinderen van 8 jaar toonde aan dat taakprestaties die flexibiliteit en respons-inhibitie vereisen waren verslechterd.
In één ander onderzoek werd er geen significant verschil gevonden in de executieve functies tussen kinderen die wel of niet fysiek op de voorschoolse educatie waren geweest. Een mogelijk verklaring kan zijn dat ouders extra stimulerende activiteiten met hun kind hebben ondernomen en er online ondersteuning van vve-professionals was.
Opvoedstress ouders en angst bij kinderen dragen ook bij
De invloed van ouders blijkt ook uit andere studies. Zo hadden kinderen met ouders die laag scoorden op zorgzaamheid, lagere scores op executieve functies.
Opvoedstress bij ouders heeft sowieso een negatieve invloed op de cognitieve ontwikkeling en executieve functies van kinderen. Dat blijkt ook uit een Italiaanse studie: ouders die meer opvoedstress hadden tijdens de lockdowns, gaven hun kinderen lagere scores voor aandacht vasthouden, werkgeheugen en zelfregulatie. Een andere studie toont aan dat kinderen die hoog scoorden op angst slechter scoorden op executieve functies. Het ging hierbij om emotie-regulatie, flexibiliteit en organisatievaardigheden.
Meer beeldschermgebruik niet goed voor ontwikkeling
In veel landen is tijdens de lockdownperiodes het beeldschermgebruik onder jonge kinderen toegenomen. Dat geldt ook voor kinderen die niet deelnamen aan online schoolactiviteiten. Een Britse studie toont aan dat schermtijd negatief samenhangt met het ontwikkelingsniveau op het gebied van respons-inhibitie, werkgeheugen en flexibiliteit. Kinderen die veel tijd doorbrachten achter de computer hadden lagere ontwikkelingsscores op deze functies. Ook blijkt dat beeldschermgebruik soms positieve, maar vooral negatieve effecten heeft op de hersenontwikkeling van jonge kinderen. Dan gaat het met name om executieve functies zoals het concentratievermogen, werkgeheugen en de respons-inhibitie.
Dit antwoord is tot stand gekomen met dank aan Andrea Willems (kennismakelaar Kennisrotonde).