Digitale geletterdheid valt op te delen in ict-basisvaardigheden, informatievaardigheid, mediawijsheid en computational thinking. Veel scholen zijn bezig om digitale geletterdheid een plaats te geven in het onderwijs. Ook vanuit de nieuwe curriculumontwikkeling (curriculum.nu) is er veel aandacht voor digitale geletterdheid.
Veel lezen en instructie bij betekenissen vormen basis voor woordenschat
Een toepassing van digitale geletterdheid waar enkele scholen al mee experimenteren is leerlingen een digitaal woordenboek laten samenstellen. Onderzoek naar leeropbrengsten van een (digitaal) woordenboek is echter niet gevonden. Het is dus niet bekend of deze activiteit bijdraagt aan digitale vaardigheden, noch aan woordenschatverwerving.
Wel is bekend dat leerlingen hun woordenschat vooral ontwikkelen door veel te lezen. En ze zijn geholpen bij instructie in het afleiden van woordbetekenissen in teksten. Een expert in taalonderwijs bevestigt dat de combinatie ‘woordenboek samenstellen en woordenschatverwerving’ niet voor de hand ligt vanuit de kennis over het leren van nieuwe woorden. Een woordenboek is een hulpmiddel, om iets in op te zoeken; het is geen leeractiviteit.
Als leerlingen woordenlijsten samenstellen door te ‘knippen en te plakken’, leren ze daar niet veel van. Een woordenboek uitbreiden naar een mini-encyclopedie maakt het wat kansrijker. Leerlingen kunnen dan bijvoorbeeld een webtekst bij woorden maken en er een plaatje bij zoeken, waardoor het woord beter beklijft.
Veelbelovender om woorden dieper en actiever te leren, ligt in een koppeling tussen digitale geletterdheid en het lees- en schrijfonderwijs, zowel op papier als online. Er is namelijk veel overlap tussen de leerdoelen.
Voor het vak Nederlands bijvoorbeeld moeten leerlingen in groep 8 informatie kunnen opzoeken in geordende naslagwerken als woordenboeken. In de onderbouw van het voortgezet onderwijs gaat het om het systematisch kunnen zoeken van informatie op internet of in de schoolbibliotheek. Het leerdoel aan het eind van het voortgezet onderwijs is dat leerlingen de betrouwbaarheid van bronnen kunnen beoordelen.
Bij digitale geletterdheid is het extra belangrijk dat leerlingen multimediale teksten kritisch lezen. Ze moeten inzicht hebben in het functioneren van media en multimediale teksten op waarde kunnen schatten en interpreteren.
Typen minder bevorderlijk om woorden te onthouden
Bij het opschrijven en omschrijven van geleerde woorden in een digitaal woordenboek typen de leerlingen. En typen is minder bevorderlijk voor het onthouden van woorden dan schrijven met de hand. Het motorische schrijfproces zorgt voor een sterkere verankering in het geheugen.
Meer weten?
Lees het volledige rapport opgesteld als antwoord op deze vraag, inclusief geraadpleegde bronnen.
Dit antwoord is tot stand gekomen met dank aan Danira van Kempen-Kreuk (antwoordspecialist) en Melissa van Amerongen en José van der Hoeven (kennismakelaars Kennisrotonde). Zij hebben hiertoe S. Brand-Gruwel (OU), J. Evers-Vermeul (UU), E. Godaert (Universiteit Leuven) geconsulteerd.