Antwoorden op onderwijsvragen

De Kennisrotonde beantwoordt onderwijsvragen op basis van kennis uit onderzoek. De antwoorden helpen jou om wetenschappelijk onderbouwde keuzes te maken in de praktijk. Heb je niet gevonden waar je naar op zoek bent? Stel dan zelf jouw onderwijsvraag!

30 resultaten

    Geactualiseerd: 10 januari 2024

    Voor volwassen tweede taalleerders lijkt blended onderwijs ten opzichte van online onderwijs meer effect te sorteren. Wil blended onderwijs voor deze groep succesvol zijn, dan moet de docent naast expert en mentor ook een motivator zijn. Verder dienen leermaterialen en -contexten aan te sluiten bij de dagelijkse praktijk van de deelnemer en de leeractiviteiten betekenisvol te zijn.

    Lees meer

    De validiteit van de eindtoets basisonderwijs is in het geding als de leerling de Nederlandse taal onvoldoende beheerst. Vanuit de literatuur zijn geen ondergrenzen voor het taalbeheersingsniveau bekend om een eindtoets te maken. Doel van de eindtoets is echter om het referentieniveau op taal- en rekenniveau bij leerlingen in groep 8 vast te stellen. Aan het einde van de basisschool is voor taal een referentieniveau van 1F gewenst. Toetsontwikkelaars houden daar rekening mee. Daarom kun je er vanuit gaan dat bij nieuwkomers een taalbeheersingsniveau van rond 1F afdoende is om een valide meting te krijgen.

    Lees meer

    Geactualiseerd: 10 januari 2024

    Omdat methodisch lesmateriaal voor laagopgeleide volwassenen met Nederlands als moedertaal nagenoeg ontbreekt, kunnen docenten volwasseneneducatie  lesmaterialen Nederlands als tweede taal gebruiken. Om de taal aan te leren moeten de docenten NT2-materiaal tot en met Niveau A2 aanreiken. Het is dan wel belangrijk om ruimte te bieden voor communicatieve vaardigheden, naast expliciete instructie voor grammatica. Dat alles afgestemd op de behoeften en mogelijkheden van de deelnemer. Ook zorgen authentieke materialen voor leerwinst en kan invoering van leren leren onafhankelijkheid van de deelnemer bewerkstelligen.

    Lees meer

    De vraag of 8-jarige leerlingen die Nederlands als tweede taal leren mondeling betere grammaticale zinnen formuleren als ze meer luisteren/lezen in die taal, is niet eenduidig te beantwoorden. Wat daarbij een rol speelt is de verwantschap tussen talen, de leeftijd waarop leerlingen zijn begonnen met het leren van Nederlands en hoelang ze aan die taal zijn blootgesteld. De (grammaticale) ontwikkeling in de tweede taal gaat vooruit door taalproductie (spreken), tweezijdige interactie en door expliciete grammatica-instructie, waarbij leraren goed moeten afstemmen op de capaciteiten van het kind. 

    Lees meer

    Geactualiseerd: 28 december 2023

    Anderstalige volwassenen leren een tweede taal beter als zij zowel binnen als buiten de les actief zijn met die taal. Om de motivatie voor het leren buiten de les te versterken is het belangrijk dat docenten inspelen op de interesses en ervaringen van hun cursisten. Daarnaast moet de lesstof goed aansluiten op realistische situaties. Docenten kunnen hen ook stimuleren door te zorgen voor een positieve leerervaring en hen wijzen op plekken buiten de les (zoals een taalcafé) waar ze kunnen oefenen.

    Lees meer

    Geactualiseerd: 10 januari 2024

    Digitale vaardigheden en taalvaardigheden hangen met elkaar samen. Een gecombineerd onderwijsaanbod in taallessen aan laagopgeleide volwassenen is goed mogelijk. Dat aanbod moet dan wel aansluiten bij de individuele behoeften van de deelnemers en bij de inhoud van het taaltraject. Vooral een blended leeromgeving met ondersteuning van een docent als expert en mentor kan er voor zorgen dat elke deelnemer het gewenste leerresultaat bereikt. 

    Lees meer

    Geactualiseerd: 10 januari 2024

    Om de spreekvaardigheid van volwassen NT2-leerders te meten, is een brede toetsinhoud nodig, die aansluit bij concrete taalsituaties. Mogelijke toetsvormen zijn de kandidaat-examinator toets, de toets in tweetallen en de groepstoets. De laatste twee lijken iets geschikter te zijn voor het toetsen van mondelinge bekwaamheid, omdat er meer ruimte is voor interactie. Getrainde beoordelaars moeten die toetsen afnemen.

    Lees meer

    Basisschoolleerkrachten kunnen leerlingen die het Nederlands niet goed beheersen op verschillende manieren bij de reguliere zaakvaklessen betrekken. Bijvoorbeeld door hen voorafgaand aan de les de belangrijkste woorden te leren. Ook kan de leerkracht de uitleg in het Nederlands geven, de lesstof versimpelen en moeilijk lesmateriaal overslaan. Leerlingen kunnen antwoorden in het Engels of in hun moedertaal en dat antwoord naar het Nederlands vertalen.

    Lees meer

    Geactualiseerd: 5 januari 2024

    Een Internationale Schakelklastraject van één à twee jaar is vermoedelijk te kort voor de meeste nieuwkomers om in het reguliere onderwijs te kunnen instromen op een vergelijkbaar gemiddeld niveau als de reguliere leerlingen. De kans is klein dat ze hun achterstand in het reguliere onderwijs alsnog inlopen zonder aanvullende interventies. Daarbij is er binnen deze groep grote variatie in de achterstand die zij na één à twee jaar ISK-onderwijs nog hebben.

    Lees meer

    Geactualiseerd: oktober 2024

    Er zijn geen studies bekend naar specifieke competenties van ISK-mentoren. Wel is er onderzoek gedaan naar de benodigde competenties van NT2-docenten en pedagogisch medewerkers. Zij moeten beschikken over specialistische kennis van tweedetaalverwerving en bereid zijn om zich te verdiepen in andere landen en culturen. Verder moeten ze in staat zijn om mogelijke trauma’s bij leerlingen te signaleren. Hoewel er de laatste jaren is geïnvesteerd in onderwijs aan nieuwkomers, is het aanbod van methoden, toetsen, intake-instrumenten en leerlijnen beperkt en verouderd.

    Lees meer