Leraren die over ict-, differentiatie- en coachvaardigheden beschikken, zetten deze vaardigheden niet automatisch in tijdens de les. Onderwijs gericht op gepersonaliseerd leren van leerlingen heeft meer nodig. Zo spelen visie en opvattingen over goed en doelmatig onderwijs een rol. Van belang zijn ook deskundigheden van anderen in de school, materiële randvoorwaarden en de innovatiestrategie. Veel scholen streven naar gepersonaliseerd leren met ict, om daarmee tegemoet te komen aan individuele verschillen tussen leerlingen. Door gebruik te maken van ict en andere technologieën zou het voor leraren gemakkelijker worden om differentiatie en maatwerk in de klas te leveren. Bij het vormgeven van dergelijke gepersonaliseerde leersituaties wordt een beroep gedaan op vermogens als ict-, differentiatie- en coachvaardigheden. Effecten van dergelijke vormen van gepersonaliseerd leren zijn veelbelovend.
Geactualiseerd: 13 augustus 2021
Het taakbeleid ontwikkelt zich van een kwantitatieve aanpak naar een kwalitatieve aanpak. Er wordt niet alleen gekeken naar de omvang van de taken, maar ook naar persoonlijke interesse en geschiktheid van docenten. Over de werkdruk die docenten ervaren is veel bekend, maar niet over het effect van taakbeleid of taakdifferentiatie op de ervaren werkdruk. Wel is duidelijk dat een goede balans tussen werkeisen en hulpbronnen belangrijk is. Zo kan de werkdruk positiever worden ervaren als docenten meer professionele ruimte hebben.
Geactualiseerd: 28 mei 2019
Vormen van vakspecialisatie waar leerkrachten in het primair onderwijs zelf taal en rekenen geven aan een eigen groep en zich daarnaast specialiseren in de andere vakken en daarin les geven aan meer groepen, komen weinig voor. Andere vormen van specialisatie komen wel vaker voor, namelijk de inzet van vakdocenten en specialisten, soms ook van buiten de school. Vakspecialisatie wordt vooral ingezet om de prestaties van leerlingen te verbeteren. De verwachte positieve effecten blijken soms wel, soms niet op te treden.
De grootte van een (resultaatverantwoordelijk) team heeft naar alle waarschijnlijkheid een negatief effect op de effectiviteit ervan. Grotere teams leiden tot motivatieverlies om maximaal te presteren. Ook kennen grotere teams meer coördinatieproblemen en is de kans op interne conflicten groter. Of een team effectief is, hangt van veel contextfactoren af, maar de ideale teamgrootte lijkt niet meer dan 10 personen te zijn.
Geactualiseerd: 8 oktober 2018
Hoewel algemeen wordt aangenomen dat goed onderwijskundig leiderschap essentieel is voor een effectieve school, is er weinig empirisch bewijs voor de relatie tussen leiderschap en resultaten van leerlingen. Uit onderzoek binnen het primair en voortgezet onderwijs blijkt dat de impact van de schoolleider vooral indirect verloopt, via factoren in de klas en de school. Het gaat dan vooral om de invloed van de schoolleider op de docenten: opvattingen, waarden, motivatie, kennis, vaardigheden en werkcondities.