Tutorlezen is een effectieve aanvulling op de klassikale leesinstructie. Het bevordert vloeiend lezen en heeft een positief effect op onder andere leesmotivatie en zelfvertrouwen. Wil tutorlezen effectief zijn dan zal het meerdere malen per week in korte sessies moeten plaatsvinden. Belangrijk is daarbij dat het leesmateriaal aansluit op de interesses en het niveau van de zwakkere lezers (de tutee). De tutoren (leerlingen uit hogere groepen of leerlingen met een betere leesvaardigheid) moeten vooraf worden getraind. En hoewel een goede relatie tussen de tutor en tutee essentieel is, dient de samenstelling van tutor-tutee koppels minimaal maandelijks te wisselen.
School-Wide Positive Behavior Support is een interventie die sociaal gedrag bevordert en gedragsproblemen bij leerlingen gericht aanpakt. De inzet ervan kan probleemgedrag verminderen en sociale competenties van leerlingen bevorderen. Of het ook werkt in het mbo is niet bekend, het meeste onderzoek naar dit programma betreft het primair onderwijs. En effecten op leerprestaties zijn nauwelijks onderzocht.
Geactualiseerd: 1 mei 2023
Het gebruik van formatieve assessment is bewezen effectief om leren te verbeteren. Daarbij is het belangrijk om leerdoelen te bespreken, de voortgang van het leren te bewaken, feedback te geven, leerlingen eigenaar van hun leerproces te laten zijn en leerlingen te laten samenwerken. Specifiek voor sterke rekenaars is het essentieel dat leerstofaanbod en instructie passen bij de leerbehoefte. Bovendien profiteren zij van rekenprogramma’s waarin hogere orde denkvaardigheden en oplossingsmethoden worden aangesproken.
Geactualiseerd: 1 februari 2023
Dat leerlingen tot ongeveer hun zevende jaar spiegelend schrijven lijkt gerelateerd te zijn aan het zogeheten lateralisatieproces. Vanaf die leeftijd komt een rijpingsproces van beide hersenhelften op gang, waarbij een helft zich gaat ontwikkelen tot de dominante helft. Tot dan maken de hersenen geen onderscheid tussen links en rechts, wat invloed heeft op het schrijven en lezen. De klasopstelling speelt vermoedelijk geen rol.
Bij leerwegondersteunend onderwijs wordt veelal gekozen voor klassenverkleining. Uit internationaal onderzoek weten we dat klassenverkleining effect heeft op leerlingprestaties, maar dat die effecten niet groot zijn. Klassenverkleining in combinatie met meer individuele aandacht van de leraar, leidt wel tot betere leerresultaten.
Geactualiseerd: oktober 2024
Er zijn geen studies bekend naar specifieke competenties van ISK-mentoren. Wel is er onderzoek gedaan naar de benodigde competenties van NT2-docenten en pedagogisch medewerkers. Zij moeten beschikken over specialistische kennis van tweedetaalverwerving en bereid zijn om zich te verdiepen in andere landen en culturen. Verder moeten ze in staat zijn om mogelijke trauma’s bij leerlingen te signaleren. Hoewel er de laatste jaren is geïnvesteerd in onderwijs aan nieuwkomers, is het aanbod van methoden, toetsen, intake-instrumenten en leerlijnen beperkt en verouderd.
Buiten leren zou positieve effecten hebben op de motivatie en het leren. Maar naar het effect van formeel leren (theorielessen) in buitenlokalen is geen recent wetenschappelijk onderzoek gedaan. Uit onderzoek naar klaslokalen weten we wel dat zuurstof, daglicht en een niet te hoge of lage temperatuur belangrijke omgevingsfactoren zijn die een impact hebben op de cognitieve prestaties.
Gestreste leerlingen die in instellingen wonen, hebben behoefte aan veiligheid en ‘normaliteit’. Naar school gaan en een bij school betrokken leefomgeving hoort daarbij. Ook zorgverleners zouden, net als ouders idealiter, zich betrokken moeten tonen bij het leren en school. Leren kunnen kinderen in deze bijzondere omstandigheden dus wel, maar misschien niet meteen op dezelfde manier als anderen. Gestreste leerlingen kunnen soms niet meteen rustig en geconcentreerd werken, maar er zijn meer manieren om te leren. Een veilige omgeving bieden betekent dus niet dat het leren moet worden uitgesteld.
Virtuele omgevingen die speciaal zijn ingericht om communicatie en sociale interactie in te oefenen, lijken te kunnen bijdragen aan het trainen van communicatievaardigheden. Virtual reality wordt dan ingezet als oefenomgeving. Er is onvoldoende bewijs dat gebruik van virtual reality als hulpmiddel in het onderwijs de communicatievaardigheden van leerlingen in het primair en voortgezet onderwijs stimuleert.
Er bestaan verschillende manieren om rekening te houden met verschillen tussen studenten. Het is belangrijk in het onderwijsproces te differentiëren maar ook in de instructie aan studenten. Binnen het mbo is er nauwelijks onderzoek naar effectieve didactieken die rekening houden met cognitieve verschillen en verschillen in kennis binnen een groep. Er is enig bewijs dat een stappenplan of leerplan docenten kan helpen differentiëren. En relatief zwakkere studenten zijn gebaat bij een korte, krachtige instructie.