Met steunlessen kun je de reken-wiskundevaardigheden van middelbareschoolleerlingen verbeteren, als je daarbij expliciete instructie geeft gericht op strategieën, meerdere representaties en reken-wiskundetaal. Ook sluit je aan bij de kennishiaten van je leerlingen en bied je de steunlessen voor een langere periode aan. Leerlingen van verschillende leeftijden en leerjaren, en in kleine en grote groepen kunnen zo hun rekenvaardigheden verbeteren.
Docenten in het voortgezet onderwijs kunnen leerlingen met ADHD helpen om effectieve leerstrategieën toe te passen, in alle fasen van het leerproces. Door deze leerlingen te begeleiden bij de planning, uitvoering en evaluatie van hun taken, zijn ze beter voorbereid en werken ze taakgerichter en nauwkeuriger. Ook vertonen ze minder storend gedrag. Bovendien zorgt de ondersteuning ervoor dat klasgenoten beter functioneren.
Er bestaat geen genormeerde test die het leesniveau van kinderen die stotteren objectief vast kan stellen. Leerkrachten kunnen breder gerichte methoden met enkele aanpassingen inzetten om zicht te krijgen op hun leesniveau. Ze kunnen bijvoorbeeld mondelinge leestesten afnemen met weinig of geen nadruk op snelheid en deze combineren met stille leestesten. Daarnaast kunnen korte individuele leesgesprekken inzicht geven in leesstrategieën, tempo en tekstbegrip. Door deze informatie zorgvuldig te interpreteren en waar nodig af te stemmen met een logopedist, kunnen leerkrachten het leesniveau beter onderbouwd inschatten.
Programma’s om ouders met hun kinderen te laten oefenen met taal zijn effectiever als ze een duidelijke focus hebben en aansluiten bij de kenmerken en routines van gezinnen. Zo zijn taal- en spelactiviteiten voor laagopgeleide ouders vaak effectiever dan voorleesactiviteiten. In de communicatie met ouders doen pedagogisch professionals er goed aan een positieve, onbevooroordeelde houding aan te nemen en gerichte adviezen te geven. Dit vergroot de betrokkenheid van ouders en zorgt ervoor dat ze zich competenter voelen.
Er zijn aanwijzingen dat peuter-kleutergroepen bijdragen aan een soepele overgang naar school. Peuters profiteren van een hogere educatieve kwaliteit en kunnen zich optrekken aan de kleuters. Het succes wordt mede bepaald door het aantal kinderen per beroepskracht en de mate van differentiatie in de klas. Voor een succesvolle integratie van opvang en onderwijs werken de professionals samen als team en stemmen ze een doorlopende pedagogische en didactische lijn af.
Verschillende groepsindelingen hebben voor- en nadelen voor het sociaal-emotioneel welbevinden van leerlingen op de basisschool. Homogene groepen, met leerlingen van hetzelfde niveau, kunnen het zelfvertrouwen van zwakkere leerlingen aantasten. Maar ze kunnen ook zorgen voor sterke vriendschappen. Heterogene groepen, met leerlingen van dezelfde leeftijd, stimuleren sociale cohesie en diversiteit, maar sluiten soms minder goed aan op individuele leerbehoeften. En als de verschillen té groot zijn kan dat negatief uitpakken voor de onderlinge relaties. Met wisselende groepen kunnen leerkrachten het beste van beide werelden combineren.
Administratieve barrières wegnemen, de beschikbaarheid verbeteren, de ouderbijdrage substantieel verlagen en het vertrouwen vergroten, kunnen de deelname aan voorschoolse educatie bevorderen. Gezien de diversiteit aan redenen om niet deel te nemen, lijkt het effectief om verschillende maatregelen – gericht op de vraagkant en de aanbodkant – tegelijkertijd in te zetten.
In het algemeen geldt dat extra lestijd die wordt besteed aan rekenen en taal in het basisonderwijs bijdraagt aan de verbetering van de leerprestaties voor die vakken. Dat geldt ook voor extra lestijd in de vorm van leertijduitbreiding, dus wanneer het niet ten koste gaat van andere vakken. Voor leerlingen met een niet-westerse migratieachtergrond lijkt er geen positief effect van extra lestijd op hun leesniveau.
Voor een succesvolle overgang van speciaal naar regulier onderwijs is motivatie van de leerling om terug te willen stromen een belangrijke factor. Verder is een geslaagde plaatsing afhankelijk van de ondersteuningsbehoeften en de leeftijd van de leerling. Ook ouderbetrokkenheid en een positieve, realistische houding van ouders spelen een rol. Daarnaast bevorderen een inclusieve schoolcultuur, een open en veilig klasklimaat, en een positieve houding van de leerkracht plaatsing van een leerling in het (speciaal) basisonderwijs.
Steun van de leerkracht voor positieve interacties tussen leerlingen, kennis van elkaars culturele achtergrond en beheersing van de Nederlandse taal kunnen bijdragen aan sociale integratie van NT2-leerlingen in de klas. Specifieke en effectieve methoden hiervoor zijn niet bekend. Sociale integratie is wel vaak een opbrengst van methoden die zich richten op andere of bredere doelstellingen, zoals de sociaal-emotionele ontwikkeling van nieuwkomers.