Begeleid Leren en M@zl (medische advisering ziekgemelde leerlingen) op het voortgezet onderwijs en mbo zijn effectieve interventies om verzuim en voortijdig schoolverlaten terug te dringen. Deze aanpakken lijken ook voor het voortgezet algemeen volwassenenonderwijs kansrijk te zijn.
Een algemeen keuzemotief voor leerlingen is of een onderwijsaanbod bijdraagt aan hun schoolloopbaan. Verder vinden ze dat een aanbod moet aansluiten bij hun capaciteiten en interesses. Over motieven van leerlingen specifiek voor het kunst- en cultuuraanbod in de onderbouw van het voortgezet onderwijs is weinig bekend. Net als bij andere schoolloopbaankeuzes is het belangrijk dat leraren een realistisch beroepsbeeld schetsen en aangeven wat de toegevoegde waarde van het kunst- en cultuuraanbod is.
Een deel van de kennis die leerlingen vergaren in het voortgezet onderwijs gaat verloren als ze deze niet meer gebruiken. Dat gebeurt vooral in de eerste jaren na de kennisverwerving. Een substantieel deel van de resterende kennis is zelfs na vijftig jaar nog beschikbaar, ook als deze in de tussenliggende periode niet is gebruikt. De persoon herkent of herinnert zich dan de kennis, of kan deze sneller leren dan bij de aanvankelijke verwerving. Het percentage beschikbare kennis na een bepaalde tijd is onder meer afhankelijk van de duur van het genoten onderwijs. Andere factoren zijn het behaalde kennisniveau, het schoolvak en het type kennis (passief of actief).
Het faciliteren van zelfsturing door leraren in de ontwikkeling van een beroepsorganisatie lijkt het veelbelovendst. Dit geldt vooral als die beroepsorganisatie een professionele oriëntatie centraal stelt, zoals bij de ontwikkeling van een professionele standaard. Belangrijk is draagvlak onder de leden te creëren en de tijd te nemen voor een brede bespreking van voorstellen.
Jongens hebben meer dan meisjes te maken met schooluitval en studievertraging. Zeker in de bovenbouw van het havo vallen veel jongens uit. Over maatregelen die specifiek jongens kunnen helpen zich meer in te spannen, is weinig bekend. Er zijn indicaties dat regelmatig en vertrouwelijk contact met een mentor jongeren kan motiveren voor school. Dat zou een licht positief effect kunnen hebben op de studieresultaten.
Geactualiseerd: 1 juli 2024
Het bieden van keuzemogelijkheden kan taken voor leerlingen interessanter, leuker en/of aantrekkelijker maken. Wat een leerling als prettige keuzeruimte ervaart, hangt enerzijds af van diens interesse en voorkennis, en anderzijds van het aantal geboden keuzemogelijkheden en de timing ervan. Over de precieze relatie tussen het bieden van keuzemogelijkheden en leerresultaten is echter weinig bekend.
Doorstromers van havo naar vwo (‘stapelaars’) ervaren diverse belemmeringen. Zo zijn de exameneisen voor havo en vwo verschillend. Ook stelt het vwo toelatingseisen waaraan een deel van de leerlingen niet kan voldoen. En de school kan te weinig begeleiding bieden, vooraf, tijdens en na de overstap. De meerderheid van de doorstromende havisten behaalt binnen twee jaar het vwo-diploma. Het studiesucces in het wetenschappelijk onderwijs verschilt niet tussen de stapelaars en de niet-stapelaars met een vwo-diploma.
Kortere lesuren, en daarmee een vermindering van de totale instructietijd, zullen leiden tot een daling in leerprestaties voor leerlingen in havo/vwo. Het staat dus buiten kijf dat dan compenserende maatregelen nodig zijn. Er is onvoldoende informatie over welke interventies daarvoor afdoende zijn. Wel is duidelijk dat docenten de vrijgekomen tijd zouden moeten besteden aan het verbeteren van hun competenties om leerprestaties te bevorderen.
Op steeds meer scholen hebben leerlingen een tablet of laptop ter beschikking als hulpmiddel bij het leren. Maar leerlingen zoeken ook afleiding. Vooral bij vrij gebruik van mobiele apparaten gaan ze naar sociale media en sites voor persoonlijke doelen. Lessen waar de docent de technologie gestructureerd inzet, lijken minder bevattelijk voor afleiding. De leerlingen gebruiken de laptop of tablet tijdens de les dan iets vaker voor leertaken.
Er is geen duidelijk effect van de tijdsduur tussen de eerste toets en de herkansing op studiesucces. De resultaten van de herkansing zijn in grote mate afhankelijk van de leerstrategie van een leerling. Het is wenselijk om leerlingen te helpen bij het aanleren van een goede leerstrategie en planning. Er zijn verschillende methoden om het vergeten van studiestof tegen te gaan gedurende de tijd tot de herkansing.