Dit antwoord is geschreven voor 2020. Benieuwd naar de nieuwste inzichten? Stel de vraag opnieuw via Stel je vraag.
Het onthouden van kennis opgedaan bij schoolvakken op de middelbare school, wordt ook wel de retentie van kennis genoemd. Retentie is de hoeveelheid te reproduceren materiaal na een bepaalde tijd waarin iemand de kennis niet gebruikt.
Fases van retentie
Er zijn drie fases van retentie te onderscheiden. Tijdens de eerste fase - tot zes jaar na het leren - daalt de beschikbaarheid van kennis sterk. In de tweede fase - zes tot ongeveer dertig jaar na het leren - is de curve vrij vlak. Iemand kan de resterende kennis in deze periode permanent ophalen. Na ongeveer dertig jaar is er weer een daling te zien van de beschikbare kennis. Waarschijnlijk is dat vooral toe te schrijven aan de stijgende leeftijd van de persoon.
Onderzoek in een laboratorium
Sinds de negentiende eeuw vindt er onderzoek plaats naar wat leerlingen na verloop van tijd nog weten van hun schoolkennis. Aanvankelijk gebeurde dit in een laboratoriumsetting, zoals het onderzoek van Ebbinghaus uit 1880 en 1884. Hij leerde een lijst met pseudowoorden uit zijn hoofd en na intervallen van enkele minuten tot een maand testte hij hoeveel van deze woorden hij zich nog kon herinneren. En hoe lang het duurde voordat hij de woorden opnieuw geleerd had. Hieruit kwam de vergeetcurve van Ebbinghaus voort. De curve beschrijft hoe de beschikbaarheid van de kennis (retentie) aanvankelijk snel daalt en vervolgens afvlakt.
Onderzoek in authentieke contexten
De theorie van Ebbinghaus is een eeuw later meerdere malen getoetst in een schoolsetting. De resultaten laten op hoofdlijnen een vergelijkbare curve zien, maar niet zo snel en zo ver dalend. Ook levert het onderzoek een aantal aanvullende inzichten op, onder meer over de duur van het aanvankelijke onderwijs en het effect van vervolgcursussen.
Zo beschikken bijvoorbeeld leerlingen uit het voortgezet onderwijs na drie jaar nog over de kennis van het periodieke stelstel. Het kunnen toepassen van scheikundige basiskennis is na drie jaar echter drastisch gedaald. Als leerlingen de kennis actief gebruiken, is de daling duidelijk minder sterk. Een vervolgcursus of cursus in een aanpalend domein verhoogt de retentie van de eerder geleerde kennis.
Door een Amerikaans onderzoek naar de woordenschat Spaans, is meer bekend over de effecten op lange termijn. De scores na één tot bijna vijftig jaar op begrijpend lezen en herkennen of herinneren van Spaanse woorden, maken duidelijk dat de beschikbaarheid van de kennis in de eerste drie jaar sterk daalt. Daarna blijft een substantieel deel van de kennis behouden. Verder blijkt het retentieniveau van actieve kennisreproductie (herinneren) lager te liggen dan die op het niveau van passieve kennis (herkennen).
Voor de duur en het niveau van de retentie maakt het uit hoe lang de leerlingen les hebben gehad en welk kennisniveau zij daarbij bereikten. Leerlingen die maar kort les hebben gehad en/of alleen elementaire kennis verwierven, scoren na verloop van tijd op de retentietest niet hoger dan verwacht mag worden van iemand die het antwoord gokt.
Meer weten?
Lees het volledige rapport opgesteld als antwoord op deze vraag, inclusief de geraadpleegde bronnen.
Dit antwoord is tot stand gekomen met dank aan Rena Punt (kennismakelaar Kennisrotonde).