Welke invloed heeft het bieden van keuzemogelijkheden op de leerresultaten en de motivatie van leerlingen?

Geactualiseerd: 1 juli 2024

Het bieden van keuzemogelijkheden kan taken voor leerlingen interessanter, leuker en/of aantrekkelijker maken. Wat een leerling als prettige keuzeruimte ervaart, hangt enerzijds af van diens interesse en voorkennis, en anderzijds van het aantal geboden keuzemogelijkheden en de timing ervan. Over de precieze relatie tussen het bieden van keuzemogelijkheden en leerresultaten is echter weinig bekend.

Gepubliceerd:

Er is nauwelijks onderzoek gedaan naar de beste manier waarop scholen keuzeruimte voor leerlingen kunnen inrichten. Uit bestaande onderzoeken kunnen wel de volgende aanbevelingen worden gehaald:

  • Het maakt niet uit welk type keuze wordt aangeboden, al is het effect het sterkst wanneer leerlingen kunnen kiezen uit educatief irrelevante opties, zoals het type muziek tijdens een oefening. Dit komt waarschijnlijk doordat dit type keuze weinig negatieve consequenties voor de leerlingen heeft, waardoor het keuzeproces minder mentaal belastend is. Kiezen kost namelijk energie, vooral wanneer leerlingen belang hechten aan mogelijke negatieve consequenties of wanneer het aantal keuzes overweldigend is.
  • Het is belangrijk om de omvang van de keuzeruimte individueel af te stemmen, aangezien dit per leerling kan verschillen. Het aanbod aan keuzemogelijkheden mag niet te klein en niet te groot zijn. Leraren spelen hierbij een cruciale rol door het leerproces goed te monitoren en ondersteuning te bieden waar nodig. Dit voorkomt dat leerlingen zich te beperkt voelen of juist overweldigd raken door te veel vrijheid.
  • Opeenvolgende keuzemomenten, waarbij leerlingen telkens één keuze maken uit een lijst opties, tonen het grootste positieve effect op hoe interessant, leuk of aantrekkelijk zij de taak ervaren.
  • Wanneer leerlingen druk voelen om bepaald gedrag te vertonen of bepaalde keuzes te maken, neemt juist de kans op demotivatie toe.
  • Het vermogen van leerlingen om goede keuzes te maken, gebaseerd op bijvoorbeeld eerdere prestaties, is een belangrijke vaardigheid om optimaal te profiteren van keuzeruimte. Dit geldt ook voor de hoeveelheid voorkennis die leerlingen hebben over een vak of taak.
  • Keuzes moeten aansluiten bij de interesse van leerlingen en een gevoel van vrijheid en controle opwekken. Wanneer dit niet het geval is, is de kans kleiner dat de taak in de ogen van de leerlingen interessanter, leuker of aantrekkelijker wordt.
  • Als er sprake is van een beloning voor een taak, is het van belang de beloning ook te laten kiezen. Het positieve effect van de beloning gaat anders mogelijk verloren.

Hoewel het verband tussen keuzemogelijkheden en prestaties nog onduidelijk is, weten we dat leerlingen die hun prestaties op een opdracht goed zelf kunnen beoordelen en zelf een vervolgopdracht mogen kiezen, betere leerresultaten behalen. Leerlingen die voor een korte taak keuzemogelijkheden krijgen, doen meer moeite om de taak te volbrengen, scoren beter, voelen zich bekwamer en kiezen vaker een moeilijkere optie. Het verband met latere leerresultaten is nog niet vastgesteld; daarvoor zijn langer lopende experimenten nodig.

Dit antwoord is tot stand gekomen met dank aan Barbara Janssen (antwoordspecialist) en Sandra Beekhoven (kennismakelaar Kennisrotonde).


Ga je het antwoord gebruiken in het onderwijs?
Wat vind je van de leesbaarheid van het antwoord?

Privacyverklaring

Wij gaan zorgvuldig om met persoonsgegevens. Lees hierover meer in onze privacyverklaring.

Gerelateerde vragen

    Een combinatie van ingedikte vaklessen in de ochtend en ’s middags ondersteunings- of verdiepingslessen heeft een positief effect op de leerprestaties van beter presterende leerlingen. Op de minder presterende leerlingen heeft deze aanpassing van het lesaanbod zonder aanvullende maatregelen een negatief effect. Vervolgens heeft dat ook een negatief effect op hun motivatie. Wanneer de vaklessen ’s morgens met directie instructie worden gegeven en de ondersteuningslessen daarop aansluiten als verlengde instructie, kunnen de minder presterende leerlingen voldoende worden gecompenseerd. Ook pre-teaching biedt mogelijkheden voor compensatie. Daarbij worden voor de minder presterende leerlingen in de middag de vaklessen voor de volgende dag voorbereid. Dat vereist wel nauwe afstemming tussen inhoud van vaklessen en ondersteuningslessen.

    Lees meer

    Eigenaarschap van leren is de mate waarin de leerling verantwoordelijkheid neemt voor zijn eigen leerproces. Om het eigenaarschap van leerlingen te versterken kun je onder meer de motivatie, betrokkenheid, zelfsturing en metacognitieve vaardigheden bevorderen. Docenten kunnen daarvoor hun eigen gedragsrepertoire verbreden, bijvoorbeeld door didactische strategieën toe te passen die zijn gericht op het gevoel van autonomie, betrokkenheid en competentie. Ook leerlingen effectieve leerstrategieën aanleren en hen ondersteunende feedback geven, zijn voorbeelden van effectief docentgedrag. Bovendien kunnen docenten de leeromgeving verrijken met bijvoorbeeld goed toegankelijke informatiebronnen, internet en andere (digitale) hulpmiddelen.

    Lees meer