Welke vormen van afstandsleren hebben een positief effect op het commitment en de zelfsturing van laagopgeleide volwassenen met beperkte digitale vaardigheden?

Een drietal factoren uit de leeromgeving zijn van invloed op de effectiviteit van afstandsleren voor laagopgeleide volwassenen: omgeving, begeleiding en inhoud. Positief voor commitment en zelfsturing van deze deelnemers is een leeromgeving die het mogelijk maakt het geleerde in praktijk te brengen (transfermogelijkheden). Door bijvoorbeeld buitenschools taalcontact op oefenplekken. Ook moet er goede begeleiding zijn in de vorm van mentoring of peer support. Tot slot is het belangrijk om authentieke leeractiviteiten aan te bieden, waarbij deelnemers open vaardigheden toepassen.

Gepubliceerd:

Afstandsleren voor volwassen

Vanwege COVID-19 durven sommige deelnemers niet naar de onderwijslocatie te komen voor de les. Online onderwijs werkt niet goed bij deze doelgroep: volwassen, laagopgeleide deelnemers met weinig digitale vaardigheden. Er zijn drie belangrijke aspecten in de leeromgeving die ook bij onderwijs op afstand kunnen zorgen voor succes:

  1. Een functionele leeromgeving, waarbij de context en de vraag van de deelnemer centraal staat met voldoende mogelijkheden om het geleerde toe te passen in de praktijk;
  2. Een coachende, empathische docent die expert is in maatwerk;
  3. De situatie en motivatie van de deelnemer als uitgangspunt om een eigen netwerk op te bouwen en vaardigheden eigen te maken.

Omgeving met transfermogelijkheden

Als deelnemers mogelijkheden hebben om het geleerde in de praktijk toe te passen (transfermogelijkheden) heeft dat een positief effect op hun commitment. Ze kunnen bijvoorbeeld buitenschools taalcontact hebben op oefenplekken en zo actief aan de slag gaan met hun leerproces. Belangrijk daarbij is dat de lessen aansluiten bij de problematiek, interesses, capaciteiten en leefwereld van de deelnemer.

Goede begeleiding: mentoring en peer support

Meer commitment en zelfsturing bij afstandsleren kan bevorderd worden door:

  • Mentoring: taalcoaching door een mentor in de praktijk, waarbij de opleidingsdocent op afstand blijft. Deelnemers blijken zodoende taal beter toe te passen in de praktijk, zijn actiever en ontmoeten meer mensen. Ook mentoring door jongere volwassenen kan effectief zijn; het vergroot de sociale verbondenheid. Verder nemen bij mentoring de kansen op werk toe.  
  • Peer support: ondersteuning van een gelijkgestemde die geen professionele docent is, kan ook bijdragen aan het leren van nieuwe kennis of vaardigheden. Wie peer support (of peer learning) biedt, krijgt bijvoorbeeld een zelfstandigere, proactievere houding met meer zelfsturing. Ook passen betrokkenen het geleerde beter toe in de praktijk. Belangrijk bij peer support is om deelnemers aan elkaar te koppelen die verschillende niveaus of competenties hebben. De taak van de begeleider is om de inzet van deelnemers te belonen en regelmatig feedback te geven. Dat bevordert het doorzettingsvermogen van de deelnemers en hun commitment.

Inhoud: open vaardigheden op basis van authentieke leeractiviteiten

Meer zelfsturing en commitment in het afstandsonderwijs zijn ook gebaat bij authentieke leeractiviteiten, waarbij deelnemers ‘open vaardigheden’ kunnen toepassen. De docent moet ervoor zorgen dat bijvoorbeeld expliciete instructie van grammatica aansluit bij de leefwereld van de deelnemers en dat zij veel vrijheid krijgen om authentieke leeractiviteiten te ondernemen bij het oefenen. Tijdens deze authentieke taken moeten met name open vaardigheden centraal staan, waarbij er niet één manier is, maar vrijheid om vaardigheden te gebruiken. Dat geeft hun namelijk meer zelfvertrouwen. Deelnemers leren ook meer zelfsturend als zij hun plannings- en reflectievaardigheden ontwikkelen. Haalbare tussendoelen en succeservaringen beleven zijn daarbij belangrijk.

Meer weten?

Lees het volledige rapport opgesteld als antwoord op deze vraag, inclusief geraadpleegde bronnen.

Dit antwoord is tot stand gekomen met dank aan Maurice de Greef (kennismakelaar Kennisrotonde). Hij heeft hiertoe Mieke de Haan (UNESCO Leerstoel Volwasseneneducatie) geconsulteerd.

 


Ga je het antwoord gebruiken in het onderwijs?
Wat vind je van de leesbaarheid van het antwoord?

Privacyverklaring

Wij gaan zorgvuldig om met persoonsgegevens. Lees hierover meer in onze privacyverklaring.

Gerelateerde vragen

    Geactualiseerd: 28 december 2023

    Anderstalige volwassenen leren een tweede taal beter als zij zowel binnen als buiten de les actief zijn met die taal. Om de motivatie voor het leren buiten de les te versterken is het belangrijk dat docenten inspelen op de interesses en ervaringen van hun cursisten. Daarnaast moet de lesstof goed aansluiten op realistische situaties. Docenten kunnen hen ook stimuleren door te zorgen voor een positieve leerervaring en hen wijzen op plekken buiten de les (zoals een taalcafé) waar ze kunnen oefenen.

    Lees meer