Scholen hebben een kwalificerende, socialiserende en vormende taak. Deze taken voert de school deels in samenwerking met de omgeving uit. De samenwerking tussen school en de omgeving kan op ieder van deze taken gericht zijn en afhankelijk van het doel verschillende vormen aannemen.
Algemene succesfactoren voor samenwerking
In een succesvol samenwerkingsverband hebben de school en de partners in de omgeving een gedeelde visie en een duidelijk doel. Leiderschap en coördinatie zijn vastgelegd, en er is helderheid over verwachtingen, verantwoordelijkheden en rollen. Binnen alle betrokken organisaties is draagvlak voor de samenwerking en ze kennen elkaars mogelijkheden en werkwijze. Er is vertrouwen in elkaar en aandacht voor praktische randvoorwaarden zoals tijd en budget. De communicatie is op orde. Afhankelijk van de samenwerkingsvorm zijn er aanvullingen op deze succesfactoren te benoemen of kunnen factoren minder belangrijk zijn.
Samenwerking gericht op burgerschapsontwikkeling
Specifiek onderzoek naar samenwerking tussen school en omgeving voor burgerschapsontwikkeling is in Nederland niet uitgevoerd. In het buitenland is dat beperkt gedaan en spitst het zich veelal toe op het in kaart brengen van partnerschappen die scholen zijn aangegaan. Voorbeelden daarvan zijn lokale overheden, culturele organisaties, de bibliotheek, sportclubs, en NGO’s als het Rode kruis en Amnesty International.
De achterliggende gedachte van deze samenwerking is dat de omgeving een krachtige context voor burgerschapsvorming is. Het biedt leerlingen ruimte voor leren dat op school niet mogelijk is. Zo vormen excursies, het opzetten en uitvoeren van acties, maatschappelijke stage, bezoeken van musea of andere instellingen een aanvulling op de reguliere lessen.
In Nederland is het aanbod van burgerschapsactiviteiten buiten school gering in vergelijking met het internationale gemiddelde. Uitzondering hierop zijn acties voor kansarme personen of groepen, culturele activiteiten en sportevenementen.
Vier vormen van samenwerking tussen school en wijk
Leerlingen (en hun ouders) kunnen ondersteuning krijgen bij activiteiten die buiten de strikt educatieve taak van de school vallen; bijvoorbeeld opvoeding of gezondheid. Er zijn ruwweg vier samenwerkingsvormen te onderscheiden, oplopend in complexiteit.
In zijn simpelste vorm coördineert de school de dienstverlening van verschillende partners. Succesfactoren in de samenwerking zijn: kunnen netwerken, voldoende tijd om in de samenwerking te investeren, leiderschap, en evalueren van activiteiten en resultaten.
De samenwerking gaat een stap verder wanneer de school deze diensten aanbiedt. De school en de partners stemmen dan hun werkwijze en procedures op elkaar af en stellen een bestuursstructuur op.
De school en samenwerkingspartners kunnen de diensten voor leerlingen en hun ouders ook openstellen voor wijkbewoners. En andersom, de school staat open voor initiatieven vanuit de wijk. Succesfactoren bij deze vorm van samenwerking zijn: voortbouw op eerdere samenwerking en aansluiting bij bestaande netwerken. Het is hierbij van belang dat elke organisatie de eindverantwoordelijkheid op zijn eigen terrein behoudt. Voorbeelden zijn de Brede School en de Vreedzame wijk, waarbij alle jeugdvoorzieningen in de wijk volgens dezelfde principes werken en ook zichtbaar zijn voor iedereen.
De meest complexe variant heeft tot doel om samen met de school de omgeving te transformeren. Er vindt dan een proces van gelijktijdige vernieuwing plaats, met gedeeld eigenaarschap. Deze vorm van samenwerking bevordert kritisch burgerschap en nodigt uit tot burgerparticipatie.
Meer weten
Lees het volledige rapport opgesteld als antwoord op deze vraag, inclusief geraadpleegde bronnen.
Dit antwoord is tot stand gekomen met dank aan Georgia Vasilaras (kennismakelaar Kennisrotonde).