Veel scholen hebben te maken met teruglopende leerlingaantallen, bijvoorbeeld door vergrijzing in de regio. In de afgelopen tien jaar hebben 44 scholen hun deuren moeten sluiten en zijn 89 scholen gefuseerd omdat ze te weinig leerlingen hadden.
Richtlijnen en wetgeving rondom klassengrootte
Er zijn geen richtlijnen of wettelijke eisen voor het aantal leerlingen in een klas. Er is wel een minimum aan het aantal leerlingen voor een gehele school, de zogeheten opheffingsnorm. Deze norm is per gemeente verschillend en heeft te maken met de bevolkingsdichtheid. In zeer dunbevolkte gebieden is deze opheffingsnorm 23 leerlingen. Scholen met een leerlingenaantal dat drie jaar op rij onder de opheffingsnorm valt, verliezen hun inkomsten. Schoolsluiting is daarbij vaak onvermijdelijk. In de praktijk kan het dus voorkomen dat een school niet hoeft te sluiten als er in de bovenbouw bijvoorbeeld achttien leerlingen zitten en in een onderbouw-combinatiegroep vijf.
Kleine klassen bieden beperkte kans op sociale ontmoetingen
Kleine scholen met kleine klassen zijn minder goed in staat de rol van sociale ontmoetingsplaats voor leeftijdsgenoten te vervullen. Naar de gevolgen van een kleine klas voor de sociaal-emotionele ontwikkeling van leerlingen in de onderbouw is geen onderzoek gedaan. Het is dus niet te zeggen of een kleine klas belemmeringen, of juist kansen biedt voor de sociaal-emotionele ontwikkeling van leerlingen.
Geen eenduidige effecten van combinatieklas op sociaal-emotionele ontwikkeling
Kleine scholen maken vaak gebruik van combinatieklassen, waarbij leerlingen van verschillende leeftijden in één groep worden geplaatst. Effecten van combinatieklassen op de sociale (gedrags)ontwikkeling van kleuters zijn echter niet eenduidig. Sommige studies vinden geen verschil tussen 5-jarigen in een combinatiegroep of in een jaargroep. Ander onderzoek daarentegen toont positieve effecten van combinatiegroepen op interacties tussen leerlingen, leerkracht-leerlinginteracties en spel.
Recent onderzoek in China laat zien dat leerlingen tussen de drie en zes jaar in combinatieklassen langer en positiever met elkaar omgaan dan leerlingen in een klas met uitsluitend dezelfde leeftijd. Daarnaast zijn leerlingen in combinatieklassen zelfstandiger en hulpvaardiger. Hun vriendschappen met leerlingen van andere leeftijden doen in kwaliteit niet onder voor vriendschappen met leeftijdsgenootjes.
Dit antwoord is tot stand gekomen met dank aan Jiska Peper (antwoordspecialist) en Marianne Hooijsma (kennismakelaar Kennisrotonde).