Antwoorden op onderwijsvragen

De Kennisrotonde beantwoordt onderwijsvragen op basis van kennis uit onderzoek. De antwoorden helpen jou om wetenschappelijk onderbouwde keuzes te maken in de praktijk. Heb je niet gevonden waar je naar op zoek bent? Stel dan zelf jouw onderwijsvraag!

154 resultaten

    Geactualiseerd: 21 december 2018

    Meisjes zijn in het onderwijs meer risicomijdend en hebben meer moeite met het maken van fouten dan jongens. Als meisjes denken dat een opdracht te moeilijk voor hen is, zijn ze eerder dan jongens geneigd om op te geven. Dit geldt het sterkst voor meisjes met een hoog IQ. Het besef van eigen talent en begaafdheid helpt meisjes niet om hun faalangst te overwinnen, integendeel. Anderzijds werken meisjes, meer dan jongens, planmatig en gedisciplineerd aan hun schoolwerk. Als ze een positieve terugkoppeling krijgen op deze inzet, raken ze minder snel ontmoedigd door tegenslagen. Opvoeders en leraren kunnen meisjes helpen door ze te prijzen voor hun inzet, niet voor hun talenten.

    Lees meer

    De grootte van een (resultaatverantwoordelijk) team heeft naar alle waarschijnlijkheid een negatief effect op de effectiviteit ervan. Grotere teams leiden tot motivatieverlies om maximaal te presteren. Ook kennen grotere teams meer coördinatieproblemen en is de kans op interne conflicten groter. Of een team effectief is, hangt van veel contextfactoren af, maar de ideale teamgrootte lijkt niet meer dan 10 personen te zijn.

    Lees meer

    Geactualiseerd: 8 oktober 2018

    Hoewel algemeen wordt aangenomen dat goed onderwijskundig leiderschap essentieel is voor een effectieve school, is er weinig empirisch bewijs voor de relatie tussen leiderschap en resultaten van leerlingen. Uit onderzoek binnen het primair en voortgezet onderwijs blijkt dat de impact van de schoolleider vooral indirect verloopt, via factoren in de klas en de school. Het gaat dan vooral om de invloed van de schoolleider op de docenten: opvattingen, waarden, motivatie, kennis, vaardigheden en werkcondities.

    Lees meer

    Geactualiseerd: 29 april 2019

    De mbo-populatie is op een groot aantal kenmerken zeer divers. En deze variëteit tekent zich zowel binnen als tussen niveaus af. Het is daarom lastig om specifieke kenmerken toe te schrijven aan mbo-studenten niveau 3 als geheel. Als er verschillen zijn, dan heeft dat te maken met de organisatie van de opleidingen. Wanneer de school de opleidingen op niveau 3 en 4 aanbiedt in homogene groepen, samengesteld op basis van vooropleiding, dan zijn de verschillen vooral cognitief van aard en te herleiden tot de intakeprocedure.

    Lees meer