Welke methoden en interventies dragen bij aan een betere communicatie in de beroepspraktijk van mbo-studenten?

Voor mbo-studenten is communicatie essentieel om te kunnen functioneren in de beroepspraktijk. Daarvoor is het belangrijk dat studenten veel kunnen oefenen, liefst met authentieke taken met betekenisvolle teksten. Daarnaast is het belangrijk om interactie en samenwerking te stimuleren en het leerproces te evalueren. Hiervoor kan de docent interventies inzetten als gezamenlijk herinterpreteren van sociale situaties, peer support en instructie in combinatie met reflectie.

Gepubliceerd:

shutterstock_1443633212

De Inspectie van het Onderwijs vindt dat de aansluiting tussen het mbo-onderwijs en de arbeidsmarkt verbetering behoeft. Dat zou kunnen door de lessen beter aan te laten sluiten op de werkzaamheden in de beroepspraktijkvorming. En door meer aandacht te geven aan communicatie als interpersoonlijke vaardigheid. Vooral het goed kunnen luisteren en het voeren van een gesprek lijken van belang voor de uitoefening van een beroep.

Maatregelen ter bevordering van luister- en gespreksvaardigheden

Docenten kunnen een aantal maatregelen nemen om de taalvaardigheid van studenten te verbeteren. Maatregelen die de ontwikkeling van schrijven en lezen bevorderen, en die van spreken en luisteren. De eerste is het creëren van voldoende kansen voor studenten om te oefenen, zo mogelijk in een geïntegreerd aanbod. Daarnaast is het van belang dat studenten uitdagende, boeiende, begrijpelijke en authentieke taken uitvoeren met een focus op de betekenis van teksten. Tevens helpt het om aandacht te geven aan strategieën en taalvormen die daarvan onderdeel zijn.

Een andere maatregel is het bevorderen van interactie tussen en samenwerking met medeleerlingen en de docent. Belangrijke elementen hierbij zijn feedback en formatieve evaluatie van het leerproces tijdens de uitvoering van talige taken. Ten slotte kunnen docenten gebruikmaken van multimedia en ict-toepassingen.

Interventies ter bevordering van luister- en gespreksvaardigheden

Er staan docenten drie interventies ter beschikking die een bijdrage kunnen leveren aan de bevordering van luister- en gespreksvaardigheden van mbo-studenten. Dat zijn evalueren en herinterpreteren van sociale situaties, peer support en instructie in combinatie met reflectie.

De communicatiestrategie van studenten verbetert wanneer ze leren om zaken authentiek te formuleren. Of als de docent ze attent maakt op de belangrijke aspecten in verschillende soorten situaties. Dit is te realiseren door situaties waarin sociale vaardigheden centraal staan gezamenlijk te evalueren en te herinterpreteren. Hierdoor leren studenten zich deze vaardigheden eigen te maken.

Peer support is ‘een proces, waarbij iemand nieuwe kennis of vaardigheden verwerft door actieve hulp of ondersteuning van gelijkgestemden die geen professionele docent zijn’. Het helpt studenten betere vaardigheden te ontwikkelen in luisteren, communiceren, samenwerken en helpen. Peer support kan er tevens voor zorgen dat de student die de ondersteuning biedt meer zelfvertrouwen krijgt en een zelfstandiger proactieve houding. Een belangrijke voorwaarde is dat de studenten voldoende contacturen met elkaar hebben.

Studenten leren beter samenwerken wanneer de docent instructie combineert met reflectie. De instructie is er onder meer op gericht om de studenten te stimuleren om respectvol te zijn naar elkaar en elkaars inbreng. Andere accenten zijn samen te werken, samen besluiten nemen, en elkaar aanmoedigen of complimenteren. Luister- en gespreksvaardigheden zijn in dit geval onderdeel van de vaardigheid om te kunnen samenwerken.

Meer weten?

Lees het volledige rapport opgesteld als antwoord op deze vraag, inclusief geraadpleegde bronnen.

Dit antwoord is tot stand gekomen met dank aan Maurice de Greef (kennismakelaar Kennisrotonde).


Ga je het antwoord gebruiken in het onderwijs?
Wat vind je van de leesbaarheid van het antwoord?

Privacyverklaring

Wij gaan zorgvuldig om met persoonsgegevens. Lees hierover meer in onze privacyverklaring.

Gerelateerde vragen

    Geactualiseerd: 10 januari 2024

    Werkgevers en opleiders kunnen zelfregie van mbo-studenten tijdens stages stimuleren. De werkgever moet de inbreng van de student serieus nemen en hem of haar gestructureerd laten werken. De opleider geeft aandacht aan het vermogen en de bereidheid tot leren, naast het aanleren van emotionele volwassenheid. Verder legt de opleider nadruk op vaardigheden als het geleerde in de praktijk toepassen, creativiteit en kritisch denken. De student maakt zich zelfsturend leren eigen door te leren om minder hulp te vragen, taakstrategieën zelfstandiger en beter uit te voeren. Maar ook door tijd efficiënter te beheren en meer waarde te hechten aan het leren zelf.

    Lees meer

    Geactualiseerd: september 2021

    Er bestaan meerdere varianten van gepersonaliseerd leren. De sturing van het leren kan volledig bij de leerlingen worden gelegd, waarbij zij zelf het leerproces ter hand nemen. Maar de sturing kan ook deels of volledig door de docent worden uitgevoerd. Of leerlingen de zelfsturing aankunnen, hangt onder meer af van hun kennis, ervaring en leeftijd. Bij veel tieners is volledig zelfstandig leergedrag (nog) niet ten volle waar te maken. De hersenfuncties die voor dit leergedrag nodig zijn, zijn nog in ontwikkeling. Zelfregulatie kan wel worden bevorderd door directe instructie, door gepaste feedback, door leerlingen te inspireren en uit te dagen, en door de sturing langzaamaan aan hen over te dragen. Een motiverende rol van de docent is daarbij een noodzakelijke voorwaarde.

    Lees meer