Wat zijn de effecten van meer leerlinggestuurd onderwijs op de motivatie van leerlingen in het vwo?

Leerlinggestuurd onderwijs gaat uit van de autonomie van leerlingen. Gevoel van autonomie is een van de factoren die bijdragen aan motivatie. Dit geldt voor alle leerlingen op alle niveaus. Andersom zet motivatie leerlingen ertoe aan hun eigen leerproces te sturen. Essentieel aspect van leerlinggestuurd onderwijs is dat leerlingen actief gebruikmaken van leerstrategieën; dat is gunstig voor hun motivatie en hun leerresultaten. Om zelfsturend vermogen te ontwikkelen en te versterken hebben leerlingen wel begeleiding nodig, ook op het vwo.

Gepubliceerd:

leerlinggestuurd onderwijs

Als onderwijs leerlinggestuurd of zelfgestuurd is, nemen leerlingen zelf het initiatief om hun leerbehoeften vast te stellen, leerdoelen te formuleren en geschikte leerstrategieën  te gebruiken. Verder bepalen ze wat en wie ze daarbij uit de omgeving nodig hebben, en evalueren ze wat ze geleerd hebben.

Leerstrategieën zijn essentieel bij leerlinggestuurd onderwijs

Om effectief zelfsturend te kunnen leren, moeten leerlingen onder meer beschikken over leerstrategieën. Er zijn drie soorten te onderscheiden: cognitieve, metacognitieve en affectieve strategieën. Bij cognitieve strategieën gaat het om onder andere memoriseren, concretiseren en toepassen. Onder metacognitieve strategieën vallen vaardigheden als oriënteren, plannen en bijsturen. Motiveren en waarderen zijn voorbeelden van affectieve strategieën.

Inzet van leerstrategieën draagt bij aan motivatie

Er is een positieve relatie tussen de inzet van leerstrategieën en motivatie. De aard van deze relatie is echter niet helemaal duidelijk. Dat affectieve leerstrategieën ook effectieve leerstrategieën zijn, suggereert dat de beheersing van leerstrategieën de motivatie bevordert. Bij universitaire studenten bijvoorbeeld heeft het trainen van leerstrategieën een positief effect op de inzet van die leerstrategieën, en op hun motivatie en leerresultaten. Dit doet vermoeden dat ook in het voortgezet onderwijs instructie en begeleiding van leerstrategieën leerlingen helpt vaardiger te worden in die strategieën. En dat ze die zelf meer gaan inzetten, met positieve effecten op hun motivatie en leerresultaten.

Docentsturing met het oog op leerlingsturing

Alle leerlingen, ook hoog presterende, hebben hulp en begeleiding nodig bij het leren. Dit betekent dat er in leerlinggestuurd onderwijs een goede balans nodig is tussen leerling- en docentsturing. Het is belangrijk dat leerlingen voldoende eigen verantwoordelijkheid krijgen bij het leerproces, en dat zij voldoende steun en ondersteuning krijgen van docenten om de benodigde leerstrategieën onder de knie te krijgen.

Instructie en begeleiding gericht op het leren en het inzetten van een combinatie van cognitieve, metacognitieve en affectieve leerstrategieën lijken het zinvolst te zijn om zelfgestuurd leren, leerprestaties en motivatie te bevorderen. Docenten kunnen dat op verschillende manieren doen. Belangrijke manieren zijn voordoen (modelleren), stapsgewijs afnemend ondersteunen, voldoende complexe en betekenisvolle taken bieden, zelfstandigheid geven, samenwerkend leren stimuleren en aandacht besteden aan reflectie.

Dit antwoord is tot stand gekomen met dank aan Tessa Schuurman (antwoordspecialist), Niek van den Berg en Anne Luc van der Vegt (kennismakelaars Kennisrotonde).


Ga je het antwoord gebruiken in het onderwijs?
Wat vind je van de leesbaarheid van het antwoord?

Privacyverklaring

Wij gaan zorgvuldig om met persoonsgegevens. Lees hierover meer in onze privacyverklaring.

Gerelateerde vragen

    Onderzoekend en ontwerpend leren zijn actieve manieren van leren, waarbij vooral combinaties van leerkracht- en leerlingsturing effectief lijken. Leerkrachten zouden zich moeten richten op metacognitieve vaardigheden, sociale aspecten en conceptuele aspecten. Belangrijk is verder dat leerkrachten helder communiceren wat ze van leerlingen verwachten. Leerkrachten laten voorbeeldgedrag zien en werken samen met collega’s om onderzoekend en ontwerpend leren vorm te geven.

    Lees meer

    Geactualiseerd: oktober 2024

    Empirisch onderzoek naar de vraag hoe (hoog)begaafde leerlingen het beste begeleid kunnen worden door de leerkracht in een reguliere groep is schaars. Wel is gebleken dat compacten, versnellen en verrijken, positieve effecten hebben op de ontwikkeling van hoogbegaafde leerlingen. Ook geven experts aan dat effectief klassenmanagement met gedifferentieerde instructie en begeleiding bij zelfregulerend leren van belang zijn voor de ontwikkeling van (hoog)begaafde leerlingen.

    Lees meer

    Eigenaarschap van leren is de mate waarin de leerling verantwoordelijkheid neemt voor zijn eigen leerproces. Om het eigenaarschap van leerlingen te versterken kun je onder meer de motivatie, betrokkenheid, zelfsturing en metacognitieve vaardigheden bevorderen. Docenten kunnen daarvoor hun eigen gedragsrepertoire verbreden, bijvoorbeeld door didactische strategieën toe te passen die zijn gericht op het gevoel van autonomie, betrokkenheid en competentie. Ook leerlingen effectieve leerstrategieën aanleren en hen ondersteunende feedback geven, zijn voorbeelden van effectief docentgedrag. Bovendien kunnen docenten de leeromgeving verrijken met bijvoorbeeld goed toegankelijke informatiebronnen, internet en andere (digitale) hulpmiddelen.

    Lees meer