Zijn er verschillen in de effecten van cumulatieve toetsen dan wel losse toetsen op de beheersing van grote hoeveelheden lesstof?

Cumulatief toetsen zorgt voor een betere beheersing van de lesstof. Dat komt doordat kennis die leerlingen vaker moeten activeren, beter in het geheugen wordt opgeslagen. De herhaling, en niet zozeer de stapeling van lesstof, zorgt voor het effect. Ook op de langere termijn – na anderhalf jaar – blijkt dat leerlingen de kennis die cumulatief is getoetst makkelijker uit het geheugen ophalen. Makkelijker dan kennis via losse toetsen.

Gepubliceerd:

Toetsen

Cumulatief toetsen betekent dat bij leerlingen niet alleen recent behandelde lesstof wordt getoetst, maar ook lesstof die eerder aan bod is geweest en ook al eerder is getoetst.

Herhaling zorgt voor betere beheersing van lesstof

Meerdere experimenten, vooral onder studenten op universiteiten, wijzen uit dat cumulatief toetsen bijdraagt aan een betere beheersing van de lesstof vergeleken met losse toetsen. Een verklaring voor dat positieve effect is de herhaling. Als studenten door het maken van meerdere toetsen vaker de geleerde lesstof moeten activeren, wordt die beter in het geheugen opgeslagen. En is de stof beter toegankelijk. Het gaat daarbij om een langetermijneffect; er blijkt verschil in beheersing van de lesstof tot na achttien maanden tussen groepen die cumulatief en die niet-cumulatief zijn getoetst.

Omdat het verklarende mechanisme voor het positieve effect van cumulatief toetsen vooral ligt in de werking van het geheugen, is er geen reden om aan te nemen dat het effect voor leerlingen in de bovenbouw van het voortgezet onderwijs heel anders zou zijn.

Geschiedeniskennis frequent toetsen

Leraren geschiedenis in het voortgezet onderwijs (havo/vwo) maken bij de schoolexamens regelmatig gebruik van cumulatief toetsen. Ze stellen dan vragen over tijdvakken die eerder zijn behandeld en getoetst. Voor ruim de helft van deze leraren is dit de standaardpraktijk. Minder dan twintig procent van hen doet het nooit.

Bij geschiedenis gaat het vaak om grote hoeveelheden lesstof. Dat betekent dat bij cumulatief toetsen de hoeveelheid lesstof in een toets erg groot kan zijn. Dat pleit voor relatief frequent toetsen, zodat de toetsomvang beperkt blijft. Daarnaast bereiden leerlingen zich beter voor op een toets als zij frequenter toetsen moeten maken. En ze krijgen meer feedback als er meer toetsmomenten zijn. Overigens hoeft de leraar hiervoor niet perse een schoolexamen in te zetten. Ook zogeheten low stake-toetsvormen – voor feedback in plaats van een beoordeling – zijn in principe effectief.

Dit antwoord is tot stand gekomen met dank aan Sjerp van der Ploeg (kennismakelaar Kennisrotonde).


Ga je het antwoord gebruiken in het onderwijs?
Wat vind je van de leesbaarheid van het antwoord?

Privacyverklaring

Wij gaan zorgvuldig om met persoonsgegevens. Lees hierover meer in onze privacyverklaring.

Gerelateerde vragen

    Een intensieve toetsweek in het vmbo, waarbij leerlingen meerdere toetsen op een dag moeten maken, draagt niet zonder meer bij aan betere examenresultaten. Onderzoek naar het effect van de intensieve toetsweek in het vmbo is niet voorhanden, maar in andere sectoren is gezien dat leerlingen laat beginnen met voorbereiden, waardoor ze vlak voor de toetsweek keuzes maken welke examenstof ze gaan leren. Het herhaald, cumulatief toetsen van de examenstof (waar een toetsweek onderdeel van zou kunnen zijn) kan wel helpen voor leerlingen om zich beter voor te bereiden op het examen. Door het herhaald toetsen slaan de leerlingen de stof beter op in hun geheugen.

    Lees meer