Dit is de tekst: Dit antwoord is geschreven voor 2020. Benieuwd naar de nieuwste inzichten? Stel de vraag opnieuw via Stel je vraag.
Kritisch denkvermogen is een verzamelnaam voor cognitieve (deel)vaardigheden. Maar het bevat ook houdingen die nodig zijn om effectief argumenten en bewerkingen te analyseren, te beoordelen en te evalueren. Het gaat onder andere om conclusies trekken door redeneren, evalueren, probleem oplossen, beslissen en oordelen. En het gaat om houdingen zoals het open staan voor nieuwe ideeën, nieuwsgierigheid, behoefte aan redelijkheid en informatie, en de bereidheid andermans perspectief te zien. Het Examen- en kwalificatiebesluit beroepsopleidingen (EKB) dat wordt gebruikt door het mbo legt een sterke nadruk op het kritisch omgaan met informatie.
Een apart vak of niet?
Het aanleren van kritische denkvaardigheden kan op verschillende manieren in het curriculum worden geïntegreerd. Het kan als apart vak of aparte cursus worden onderwezen of worden gekoppeld aan domeinspecifieke activiteiten. Naar onderstaande manieren is veel onderzoek gedaan:
- expliciete instructie – les over kritisch denkvermogen
- infusie – binnen een vakinhoud werken aan kritisch denken door doelen te formuleren die passen binnen de vakinhoud
- onderdompelen van studenten in een vakspecifieke opdracht, waarbij kritisch denkvermogen impliciet aan bod komt
- combinaties van de expliciete instructie met een vakinhoudelijke opdracht
Expliciete instructie of de gecombineerde aanpak leveren doorgaans goed resultaat. Maar het ‘onderdompelen’ werkt vaak nauwelijks.
Om kritisch denkvermogen aan te leren, kiezen docenten vaak didactische werkvormen waarbij leerlingen of studenten samenwerken of debatteren. Van deze vormen van coöperatief leren wordt verondersteld dat ze beter werken om kritisch denkvermogen te ontwikkelen, maar bewijs ontbreekt nagenoeg.
De docent
Interventies waarin docenten ook training krijgen in kritisch denken, leveren meer op dan interventies met een gedetailleerd curriculum, of die kritisch denkvermogen als een van de doelen van het onderwijs zien. Er wordt meer bereikt als docenten en studenten in gelijke mate bijdragen aan een oefening in kritisch denken. Deze vorm van begeleiding leidt tot een gedachtenuitwisseling waaraan de docent evenredig bijdraagt door vragen te stellen of nieuwe perspectieven te bieden. Dit brengt meer teweeg dan begeleiding waarin ofwel de docent ofwel de studenten de grootste bijdrage hebben.
Vanwege het belang van kritisch denken is de roep om nader onderzoek veel gehoord. Docenten en onderwijsonderzoekers zijn behoorlijk eensgezind over het belang van kritisch denkvermogen (en andere 21e-eeuwse vaardigheden). Zij zijn echter net zo eensgezind over de problemen voor het onderwijs om dit ook te bereiken (de haalbaarheid).
Meer weten?
Lees het volledige rapport opgesteld als antwoord op deze vraag, inclusief geraadpleegde bronnen.
Praktische tips:
Handreiking kritische denkvaardigheden MBO-Raad
Richtlijnen voor het doceren van kritisch denken van Tim van Gelder
Dit antwoord is tot stand gekomen met dank aan Sandra Beekhoven en Ingrid Christoffels (kennismakelaars Kennisrotonde). Zij hebben hiertoe Christa Teurlings (kennismakelaar Kennisrotonde) en Tamara van Gog (Universiteit Utrecht) geconsulteerd.