Antwoordspecialist Anne de Bruijn: Leraren verder helpen met onderzoekskennis

Antwoordspecialist Anne de Bruijn schrijft al vier jaar mee aan wetenschappelijk onderbouwde antwoorden op dringende vragen van leraren uit de onderwijspraktijk. Voor haar is de uitdaging om de juiste onderzoekskennis bij de vraag te vinden. “Daarmee kunnen leraren verder. En voor mijzelf is het prettig om uit mijn ‘onderzoekstorentje’ te komen en de impact van wetenschappelijke kennis in de praktijk te ervaren.”

Anne de Bruijn

Door mee te draaien als antwoordspecialist blijf ik de praktische relevantie van mijn eigen onderzoek zien.

Anne de Bruijn

Ze dacht altijd leraar te willen worden, maar na een korte tussenstop op de academische pabo besefte Anne de Bruijn dat haar hart meer lag bij onderzoek. Ze studeerde af in de pedagogische wetenschappen met een master in de onderwijskunde en gedragswetenschappen. Haar promotieonderzoek bij het project Slim door gym laat zien waar haar interesse ligt: hoe fysieke en cognitieve activiteiten elkaar beïnvloeden. Ze werkte bij TNO waar ze als junior Scientist innovator in een multidisciplinair team meewerkte aan onderzoek voor de training van defensiepersoneel. Momenteel werkt ze bij de Vrije Universiteit Amsterdam als universitair docent onderwijswetenschappen. 

Dringende vraag uit de praktijk
Sinds 2016 helpt De Bruijn mee om wetenschappelijk onderbouwde antwoorden op vragen van leraren te vinden. “Na mijn aanmelding als antwoordspecialist heb ik eerst gekeken welke onderwerpen bij me zouden passen. Toen een leraar wilde weten hoe bewegen in het voortgezet onderwijs kan bijdragen aan cognitieve prestaties, sprong ik er gelijk in. Ook de vraag of de shuttle run (de piepjestest) bij gym nuttig is vond ik interessant.”

Haar vakgebied, bewegingswetenschap, is hip op het moment. Er zijn meer leraren die willen weten of en hoe bewegen helpt om beter te leren. De Bruijn: “Bewegen is altijd goed, maar het effect is niet zo eenvoudig hard te maken. Het ligt meestal genuanceerd. We kunnen er dan bij een antwoord helaas geen stappenplan bij geven. Maar het feit dat de vraag uit de praktijk komt, betekent wel dat een leraar er iets mee wil doen.”

Anne de Bruijn 3

Vragen beantwoorden van leraren heeft voor mij meerwaarde omdat ik zo uit mijn ‘onderzoekstorentje’ kom.

Anne de Bruijn

Van vraag naar antwoord
Wie mee wil werken als antwoordspecialist voor de Kennisrotonde gaat een interessant traject in, vindt De Bruijn. Een medewerker van de Kennisrotonde, de kennismakelaar, is het aanspreekpunt; hij of zij houdt contact met de leraar. De kennismakelaar en de antwoordspecialist bespreken samen de achtergrond van de vraag en wat de leraar precies wil weten. Dan gaat de antwoordspecialist aan de slag, duikt in de literatuur en werkt het antwoord uit.

Interessant en verrijkend, meent zij: “Het sluit inhoudelijk aan bij mijn expertise en het werk dat ik nu doe. Wel is het belangrijk om goed de link met de praktijk te maken, want het gaat erom dat een leraar er iets aan heeft. Dat spreekt mij aan, want het is weer eens iets anders dan alleen in je onderzoekstorentje te zitten.”

Zoektocht: wat weten we wèl
De Bruijn vindt het interessant om verdieping te zoeken op haar vakgebied. ”Als onderzoeker denk je wel eens, wie heeft hier nou iets aan? Als antwoordspecialist zie je wat onderzoek in de praktijk kan betekenen voor een leraar. Het gebeurt natuurlijk wel eens dat onderzoeken niet altijd honderd procent aansluiten op de vraag. Dan moet je een afweging maken: wat weten we wèl op basis van onderzoek? Zo kom je dan tot een zinvol antwoord.”

Waardevol om onderzoekskennis aan de praktijk te koppelen
De Bruijn beveelt iedere wetenschapper aan om mee te doen aan de Kennisrotonde. ”Als je een beetje flexibel bent, is het goed in te passen in je werk. Het is wel handig om bij je eigen vakgebied te blijven, want dan kun je relevante onderwerpen sneller plaatsen.’