Meer halen uit je instructie
’s Morgens instructies volgen en later op de dag oefeningen maken: sommige scholen werken met instructie- en verwerkingsblokken. Jeroen Pieters had zijn twijfels over die aanpak en stelde een vraag aan de Kennisrotonde.
Interview Jeroen Pieters
Het antwoord van de Kennisrotonde beschrijft een stukje cognitieve leerpsychologie. Dat gaat ervan uit dat we allemaal op ongeveer dezelfde manier leren, of je nu een sterkere of zwakkere leerling bent. Waarschijnlijk hebben alle kinderen baat bij aaneengesloten instructie en oefening.
Februari 2025
Als bovenschools expert van onderwijsstichting INNOVO komt Jeroen Pieters veel op basisscholen. Onlangs sprak hij een leerkracht uit groep 7 die experimenteerde met een rits verschillende instructies achter elkaar: rekenen, taal, spelling, lezen. Later op de dag maakten leerlingen verwerkingsopdrachten op het leerplein. Jeroen had zijn bedenkingen over deze werkwijze. “Met name voor zwakkere leerlingen leek het me beter om de leerstof meteen na de instructie te oefenen. Zij hebben meer ondersteuning en gerichte feedback nodig. En je wil voorkomen dat ze de uitleg vergeten zijn als ze opdrachten gaan maken.”
Jeroen toetste zijn vermoedens bij de Kennisrotonde: ‘Wat is het effect van aaneengesloten instructie versus losgekoppelde instructie en oefening op leerresultaten?’ Er bleek geen onderzoek te bestaan dat deze twee aanpakken met elkaar vergelijkt. Wel maken andere studies het aannemelijk dat leerlingen nieuwe informatie beter onthouden als ze na instructie direct kunnen oefenen. Hun voorkennis is dan geactiveerd en ze kunnen de instructie direct toepassen en verbinden aan hun lange termijngeheugen, voordat deze uit hun werkgeheugen verdwijnt. Bovendien kan de leerkracht zo meteen controleren of de leerlingen alles goed begrepen hebben en tijdig bijsturen. Jeroen: “Het antwoord van de Kennisrotonde beschrijft een stukje cognitieve leerpsychologie. Dat gaat ervan uit dat we allemaal op ongeveer dezelfde manier leren, of je nu een sterkere of zwakkere leerling bent. Waarschijnlijk hebben alle kinderen baat bij aaneengesloten instructie en oefening.”
Wel of geen leerplein?
Voordat Jeroen het antwoord van de Kennisrotonde ontving, klopte de leerkracht uit groep 7 opnieuw bij hem aan. Na zijn feedback en haar eigen observaties had ze besloten het rooster om te gooien: na de instructie meteen de begeleide inoefening en verwerking. Jeroen: “Het antwoord van de Kennisrotonde een paar weken later bevestigde dat dat de juiste keuze was.” Ook collega’s op school waren overtuigd.
Of zelfstandig werken op een leerplein wel of geen handige keuze is moet je als leerkracht zorgvuldig afwegen, vindt Jeroen. “Uit het antwoord blijkt dat controle door de leerkracht belangrijk is. Begrijpt iedereen de stof? Wie moet je extra helpen en welke instructie moet je herhalen? Als leerlingen je lokaal verlaten, ontstaat er een fysieke afstand en wordt het lastiger om dicht op het leerproces te zitten.”
Jeroen zag de afgelopen jaren steeds meer scholen kiezen voor nieuwe onderwijsvormen, met leerpleinen en unitonderwijs. Lang niet altijd zijn leerlingen daar klaar voor, vindt Jeroen. “Dan gaat de verandering te snel en laten kinderen ineens een heel ander gedrag zien of krijgen ze hun werk niet meer af. Hoewel er natuurlijk uitzonderingen zijn, denk ik dat gros van de leerlingen baat heeft bij een meer gestructureerde onderwijssetting, met veel begeleiding, tijdig gerichte feedback en ondersteuning in de verwerking.”
Meer tijd voor onderzoek
Eén dag in de week staat Jeroen zelf nog voor de klas, in de bovenbouw van Kindcentrum Paulus Heerlen. Met het antwoord van de Kennisrotonde richt hij zijn lessen nog zorgvuldiger in. Nieuwe leerstof doelgericht in kleine stukjes aanbieden, leerlingen voldoende tijd geven om kennis te verwerken, herhaald oefenen: op die manier wil hij ervoor zorgen dat het werkgeheugen van zijn leerlingen niet overbelast raakt. “Zo beklijft nieuwe leerstof het beste, weten we uit onderzoek. Daar ga ik nu nog bewuster mee om.”
Jeroen deelde het antwoord van de Kennisrotonde met collega’s van de onderwijsstichting en op LinkedIn. Zo hoopt hij scholen te inspireren om zich bij nieuwe aanpakken of ontwikkelingstrajecten te laten ondersteunen door bewijs uit onderzoek. “Het zou mooi zijn als leraren meer ruimte krijgen voor wetenschap en inzichten kunnen vertalen naar hun eigen situatie. Want bewijs uit onderzoek is altijd context-afhankelijk, waardoor ik altijd spreek van evidence-informed in plaats van evidence-based. Meer tijd voor onderzoek is ook belangrijk. Nu verschijnen er soms waardevolle studies die de praktijk niet bereiken. En welke studies leveren genoeg bewijs, en welke niet? Als je daar niet uitkomt, kan de Kennisrotonde uitkomst bieden.”
Hier vind je het uitgebreide antwoord op deze onderzoeksvraag
-
Meer antwoorden
Vele leraren en andere onderwijsprofessionals stelden ook al een vraag aan de Kennisrotonde.